12-08-11

Sint-Martens-Latem: papieren versie van De Loatemsche Kleppe verdwijnt

Het hing al geruime tijd in de lucht. De papieren versie van de satirische periodiek was gedoemd om te verdwijnen. Hoewel de 3.000 exemplaren gratis te verkrijgen waren in de meeste winkels en vlot gelezen werden, kon - bij gebrek aan sponsoring - het drukwerk niet meer betaald worden. Vier edities bij elkaar schrijven was geen probleem maar het zoeken naar sponsoring werd een last. De redactie dankt zij die sinds 1995 de kosten van het drukken op zich namen, vaak anoniem steunden. In 2007 begon het echter moeilijk te worden om sponsoring te vinden. Er waren veel pogingen om via de sociale netwerken maar meer dan 250 euro kwam er niet in het spaarvarken. Als je weet dat één editie 330 euro kost, begrijp je snel dat het vechten tegen de bierkaai was. Nochtans, als 1.000 lezers 1 euro in de 'missiepot' hadden gestort, konden de 3 tot 4 nummers per jaargang gegarandeerd worden. Niet getreurd. Langs het Internet zullen de volgende nummers wel de geïnteresseerde lezer blijven vinden.

De redactie kreeg heel wat 'rouwbetuigingen' binnen want het bladje was voor velen een collector's item. Heel wat trouwe lezers hadden de eerste 50 nummers laten inbinden tot hardcover en dat doet mij als uitgever plezier. Het is plezant te horen dat een massa Latem- en Deurlenaars jouw pennenvruchten gewaardeerd heben.

Via deze blog zal nog meer nieuws en satire gespuid worden en zullen we de politici en volksfiguren kritisch maar eerlijk blijven beschrijven.

Aan sprookjes komt meestal een 'happy end' en laten we die dan zoeken langs de digitale snelweg... Nie pleuje is een geijkte uitdrukking in onze regio!

Voorlopig kunnen de 'fans' hier terecht:

http://transparantlatemdeurle.wordpress.com/2011/08/10/de...

 

Veel leesgenot en bedankt voor die mooie jaren!

sticker cropped.jpg


17:25 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

03-02-11

Sint-Martens-Latem: de rijkste gemeente?

Als er 1 zaak is waar ik mij blijf aan ergeren dan is het wel het uitsmeren van de statistieken over waar nu de rijkste burgers van ons land wonen. Ik word het zat dat precies de gemeente waar ik geboren, getogen en... geleefd wordt telkens met goud gaat lopen bij deze 'olympische discipline' van de FOD.

Ik zal de cijfers niet betwisten. Ze staan voor wat ze staan. Wel weet ik met grote zekerheid dat dit beeld de 'gezondheid' van mijn dorp schaadt. Er is een overvloed aan kapitaal. Akkoord. Het is echter jammer dat het niet eerlijk verdeeld is onder de 9.300 of iets meer inwoners. 

Als je sociaal begaan bent en je interesseert je voor het lot van 'alle schapen van de parochie' - om het in herderlijke taal te stellen - dan zal je moeten bekennen dat meer inwoners aan de rand of een paar honderd euro boven het minimuminkomen dobberen dan dat er hele rijken zijn...

Wat is die statistiek dan nog waard?

Misschien is dit voor buitenstaanders moeilijk te vatten. De doorsnee-Latemnaar weet dat maar al te goed.

Of die statistieken, behalve voor intern gebruik bij de overheid, voor de burger relevant zijn, valt te betwijfelen. In ieder geval brengt het sommige 'sujets' op rare gedachten en dan verwijs ik naar de statistieken van de regionale politiezone waar het aantal inbraken binnen die gemeenten de pan gaan uit swingen. Kijk maar eens naar de financiële ranking van buurgemeente De Pinte!

In elk geval, mij stoort die competitie. Toch wil ik jullie de link naar een objectief artikel meegeven:

http://netto.tijd.be/geld_en_gezin/belastingen/Waar_wonen...

 

09:55 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

10-01-11

Ons hart klopte sneller door Sara!

 

Zijn jullie er, net als ik, ook ingetuind en stemden jullie af op VT4 waar een vlotte Véronique De Kock de ‘show’ in handen nam?
Show is een groot woord. Denderend vond ik het avondvullende programma niet maar er was een dorpsgenote bij de laatste vijf en ik wou nu toch weten of ze het podium haalde.

Haar buurman, vrienden, ja tot de Latemse burgervader toe, hadden mij overtuigd een beetje campagne te voeren en hoewel ik deze aantrekkelijke jonge vrouw niet kende, stuurde ik gul mailtjes rond en plaatste haar op mijn FB-profiel. Uiteraard had ik wel eerst, naast de ‘vakbladen’, ook de roddelpers doorgenomen en daar raakte ik overtuigd dat ‘ons Sara’ het ver kon brengen.

Nochtans wou het toeval dat ik net ‘Misleid’ van mijn maatje Pieter Aspe aan het lezen was.
In deze thriller rond de kroning van een miss wordt flink achter de schermen gescharreld en komt de ‘onderbouw’ van missverkiezingen nogal wankel te staan. Dus, scepsis was troef.

Nu wil ik alle inrichters niet over dezelfde kam scheren. Ik blijf mij vragen stellen over de objectiviteit van een jury en blijf het sms-systeem een ‘ontluisterende’ parameter vinden.
Poenschepperij en omkoperij laat ik links. Ik ben niet thuis in dat wereldje en blijf dan ook bij mijn leest. 

Wat mij het meest ergert is echter de gebrekkige talenkennis van de meeste kandidates.
Je moet verdorie een land vertegenwoordigen en als miss heb je problemen om je in de eigen landstalen fatsoenlijk uit te drukken. Nu, ons Sara deed dat goed. Je merkte wel dat ze een beetje gestresseerd was, maar je zou dat voor minder.

Op gebied van présence, vlotheid en taalvaardigheid verdiende ze een podiumplaats. Als ik chauvinistisch uit de hoek wil komen, mocht ze van mij (en de ganse huiskamer) zelfs het kroontje krijgen.

Vreemde talen lijkt in ons Belgenland toch wel een probleem in de nieuws- en mediawereld.
Ik kan me mateloos ergeren als ik onze Vlaamse journalisten of presentatoren verslag zie en hoor brengen en dan nog het meest wat hun kennis van de Franse taal betreft. 
Sportcommentatoren krijgen makkelijker het Spaans en Italiaans onder de knie dan ons tweede ‘moedertaal’.

Nu weet ik wel dat bij het ‘missgebeuren’ op wereldvlak Engels wel de meest gebruikelijke voertaal zal zijn, maar toch. Als goede Belg zouden missen, politici, presentatoren en journalisten toch de fierheid in zich moeten hebben om minstens het Nederlands, het Frans en een ‘flardje’ Duits te beheersen.

Nu, Sara haalde het niet. Ik was niet ontgoocheld maar verbolgen. Ik had een 'Calimero gevoel'.

Nu, de West-Vlaamse ‘rechtenstudente’ Justine De Jonckheere, met haar 18 lentes de jongste finaliste, werd uiteindelijk de nieuwe Miss België.

Ze is een miss zoals de boekjes ze voorschrijven: ze oogt mooi, kan het sappig uitleggen (met de typische, streekgebonden tongval) en ze trekt haar streng in het Frans.

“Ik heb de perfecte mix van eigenschappen om de perfecte ambassadrice van mijn land te zijn”, stelde ze later. “Ik ben sociaal, spontaan en ik heb het hart op de juiste plaats. En ik kan mij in beide landstalen uitdrukken”... Als je maar in jezelf gelooft, hé!

Kom, Sara, niet getreurd. Voor ons was je top. Relativeren is de kunst en je hebt je kansen met verve verdedigd! Wij zijn fier op jou!

 

 

saravermassen.jpg

Photo Sara Vermassen by courtesy of Sara

 

 

12:17 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

06-01-11

We 'crosjeteren' vuurt an onzen Loatemschen Woordenboek

Dialectwoorden zoeken uit je eigen dorp is niet alles. De autochtonen die het ons nog spontaan konden vertellen zijn er niet meer en ons (dat van de huidige 50-plussers) vocabularium is door het Gents en West-Vlaams totaal verbasterd. 

Hier komt de C, D en E! 

Er is echter nog veel werk aan de winkel en dus is een beetje hulp altijd welkom.


C

 

Carnasjeere: boekentas

Carreauhende: geruite hemd

Cens: geld

Cervela: soort worst

Chambran: deuromlijsting

Chapelure: paneermeel

Chassen: wc doorspoelen

Chicaneren: vitten, discussiëren

Clignoteur: richtingaanwijzer (zie ook: pinker)

Coede: aansluitstuk in leiding

Cresson: waterkers

Crosjeteren: haken, haakwerk maken

Culoo: lef; ‘den dienen ee nogal un beetse culoo!’

 

D

 

Dada: hobby, passie; ‘goan dansen es zijnen dada’

Dantiest: tandarts

Dakdekker: dakwerker

Deebarra: rommelkamer, achterkeukentje

Dekker: iemand die graag neukt

Desselen: dorsen

Dèssinge: rammeling

devuren (zijn … doen): zijn best doen

Deidei: dag, tot kijk

Diere: de toatten zijn diere van de joare... duur, kostelijk

Dijssendag: dinsdag

Dominofiesse: een verdeelstekker voor elektrische aansluitingen

Drets: vuile, vieze bedoening

Dreupel: borrel

Drilkonte: iemand die graag op stap gat 

Dulte: hooizolder

Dust: dorst

Dui: duw, dauw

Duuf: doof, hardhorig

Duum: damp, stoom

Duvelkeskirmesse: regenen terwijl de zon straalt

Dzjuun(s):  ajuin(en), ook andjuun(s) 

 

E

 

Eesjappement: uitlaat (van auto)

Eigrond: bosgrond, gecomposteerde bladgrond (ook 'heigrond')

Ekstijl: een koppigaard, iemand die bij zijn mening blijft al heeft hij ongelijk (ook hekstijl)

Enkelgeld: wisselgeld (ook: kluitegeld)

Entrepreneur: aannemer (van bouwerken)

 

 

16:24 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

03-01-11

De pot verwijt de ketel...

 

Louter om mijn 'sneeuwarrest' wat te verlichten, heb ik er mij aan gewaagd de plaatselijke 'Welzijn GAZET' eens te doorbladeren. Gelukkig 'es papier verduldig' want veel nieuws staat er niet in.
Ik heb de indruk dat de plaat van 'Uncle Bob & Friends' nog in vinyl geperst is of als het toch al een CD is, moet er toch een mankement in het 'leezertje' zitten want de opname blijft af en toe wat hangen.

Enkele jaren terug zou ik boos gereageerd hebben maar vandaag kan ik dat al een beetje relativeren.

Nu wil men ons wijsmaken dat het huidig bestuur schuld heeft aan de wateroverlast en de zompige bouwgronden in het onvolprezen 'Nieuw Latem': mijn eigen habitat Hoog Latem.

Het geheugen is bij Welzijn ook dat niet meer! Wie heeft in de fleurige hippietijd de aanzet gegeven om overstromingsgebied en waterzieke grond om te toveren tot bouwgrond? Juist!
Zij die vandaag met de vinger wijzen naar het huidig bestuur hadden toen geen 'watertoets' nodig om 'slechte' bouwpercelen te gelde te laten maken!

Ook zij klagen, vandaag, het uitblijven van Ruimtelijke Uitvoeringsplannen aan terwijl zij 'regeerden' in ruimtelijke wanorde.

Ook zij gaven de aanzet tot verstedelijking en het 'uitdoven' van de 'kabardoeskes' langs de Kortrijkse Steenweg. Herinner u de komst van de eerste 'blokkendozen'... en zie wat er met de grondprijzen gebeurde. Lees er maar het jongste jaarboek van de 'Heemkring Scheldeveld' op na!

Ook het aankoopbeleid van vroeger komt uitvoerig aan bod. Welzijn was de bewaarder van hét erfgoed. Er werd toen inderdaad onroerend erfgoed gekocht met gemeentegelden. Wel is het jammer dat er na verwerving weinig aandacht besteed is aan het onderhoud. Alles werd toen gedaan 'in eigen regie', maar duurzaamheid moest wijken voor 'oplapperij'. Vandaar staan wij, Latem- en Deurlenaars, nu met verkrotte, uitgeleefde bouwvallen.

Ik lees eveneens dat de vrienden onze inwoners willen overtuigen dat de huidige bibliotheek in aanmerking komt voor renovatie en niet thuishoort op de site aan de Hoge Heirweg waar de POB prachtig zou geïntegreerd worden in een multifunctioneel cultuurcentrum met deftige parkeerruimte. Dat cultuurcentrum en het WZC noemt Welzijn megalomaan en te grootschalig voor hun respectieve locaties én daarenboven verkwisting van belastingsgelden.
Er is heisa over de afbraak van de bruine en witte huisjes aan de Priesterage. Man, moest de bevolking weten uit welke materialen ze 30 jaar terug werden opgetrokken en in welke staat ze na amper 1 jaar al waren, het dorp is té klein! Eerlijkheid duurt het langst... enz... 

Jawadde! Wat moet dan nog gezegd over nonkel Bob zijn 'oversized' gemeentehuis dat architectonisch mooi oogt maar helemaal niet past in een oude dorpskern en bovendien bouwtechnisch een dikke nul scoort.

Ik zou zo kunnen doorgaan maar dat zal voor de volgende keer zijn. Nu de dooi ingetreden is, wil mijn meute honden wat beloop hebben en als een goede hoeder moet ik mijn beestjes ook een pleziertje gunnen.

Geen nood, we keren er nog op terug. Er zijn nog heel wat zaken waar ik nog een boompje wil over opzetten...

 

estaminet oud gemeentehuis Photo0010.jpg

Waarom heeft Welzijn indertijd deze parel van een landmerk niet 'durven' aankopen?

17:47 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

Wie A zegt moet ook B zeggen of letter 2 van het Loatemsch Woordenboek

We kregen toch reactie!

Hierbij enkele toegevoegde woorden met B als beginletter. Kent u er nog? Laat je gaan!

 

Betiektakt: bezeten door, zot van

Biberon: zuigfles, papfles

Bloaze: stoefer, blaaskaak, snoever

Boarvoets: op blote voeten, blootvoets

Boogerd of Buumgoard: boomgaard


In 2010 waren we gestart met de letter A van ons dialectwoordenboek. We hadden gehoopt enkele tips, woorden of uitdrukkingen rijker te worden via reacties, maar ... nope!
Misschien is er meer 'inspiroasse' veur B:

B

 

Bâche: afdekzijl

B(e)loende:   soort salami op basis van paardenvlees ...

Badder: soort houten balk

Bakhuis: gezicht, mond (ook: bakkes) - ook klein ovenhuisje gedeeld voor de 'bakte' van gezinnen...

Baladeuse: looplamp

Balgvulder: veelvraat

Bálop: exact, vlakop (ee est er bàlop)

Bariele: slagboom

Baskuul: weegschaal

Bassen: blaffen, ook zwaar hoesten

Baulde: slagboom, afsluiting, hek

Bavette: slabbetje (ook: zieverlapke)

Bedeerven: overdreven verwennen, kwaliteit verliezen, rotten (voeding), vergallen

Begankenisse: drukte (van volk), rumoer

Beite: ooi (schaap) 

Beize: schommel

Beeze: bes, kus

Biekelen: vijf  loodjes opwerpen en ze opvangen met de hand (volksspel)

Bielde: hoofd, houten dwarsligger bij treinsporen 

Bierscheelke:  kroonkurk

Biestses (de):   jicht,  - zien: waanvoorstelling bij overmatig drankgebruik

Biezebeize: schommel

Bijlap: bijnaam

Binnen un beetse: straks, later

Beerloet: beerschepper, beerlepel om beerputten leeg te scheppen

Beetel: beitel

Beetterauven: bieten

Blafte: iets zeer groot, hevige klap  (ook muilpeere)

Blageur: opschepper, praatjesmaker, snoever

Bleine: blaar (op handen of voeten).

Blinderke spelen: verstoppertje spelen

Blitten: wenen, (ook bleiten)

Bloare: slecht opgevoed jong meisje

Bloaskes: iemand … wijsmakken: iemand iets op de mouw spelden, liegen

Bloaze: blaaskaak, dikkerd

Bloedtriepen: bloedworsten

Blokjoaren: overgangsjaren

Blomkuule: bloemkool, ook een gezonde vrouw

Bluts: deuk

Boate: brievenbus, versnellingsbak 

Bolleketten: grote knikkers

Boetse: boterham

Bom: bodem; den bom van un kasrolle

Bontepiroo: wondzalf, verbastering van baume du Pérou

Boarvoets: op blote voeten

Boste: barst

Bottiene: rijglaars, hoge schoen

Boven ola: een extraatje

Brauker: schoffel

Broave: braaf

Brie’en: boterhammen smeren of beleggen

Briekee: aansteker

Broebelen: wartaal spreken, onduidelijk spreken

Broekàf: kaartspel

Bronseleere: knoeier

Buile: bluts

Bussel: samengebonden stro

Bustel: borstel

 

dialect.jpg

Photo courtesy bibliotheek Brugge

 

 

16:55 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

09-09-10

EEN RAADZAAL MET EEN DUBBEL GEVOEL

 

SPANNINGSVELDEN IN DE RAADZAAL

 

Het is merkwaardig met wat een dubbel gevoel je de raadzaal van jouw dorp kan ervaren.

Vrijdag 3 september stond ik er met een zestigtal lotgenoten aan te schuiven aan de poort van het verzadigde schip van het gemeentehuis. Beeldend kunstenaar Piet Bekaert was bij leven al een publiekslieveling en nu, 10 jaar na zijn dood, hadden een 500-tal kunstliefhebbers en vrienden de zaal ingenomen bij de fantastisch georkestreerde vernissage van zijn retrospectieve tentoonstelling. Zelf was ik één van de sukkels die buiten geduldig moest aanschuiven om eventueel na de academische zitting van een borrel en een praatje te kunnen genieten.

Het tart de verbeelding hoeveel mensen Piet nu nog in het hart dragen. Het is hem gegund want hij was een fijnzinnige man.

Een ludieke berichtgeving over de raadzitting

Maandagavond 6/9 was ik er opnieuw. Ditmaal voor een totaal ander evenement: de gemeenteraadszitting. Een zestiental getrouwen woonden de publieke zitting bij. De sfeer was goed om het met een ‘Wetstraateese’ uitdrukking te verwoorden. Het duurde even voor de aanwezige raadsleden hun zitje innamen. Bij de mededelingen begon het tij te keren. Je voelde de bui hangen. Een vraag tot verdaging van een agendapunt kon nog net maar bij het eerste agendapunt zat het al scheef. De renovatie van het befaamde Tempelhof, de icoon van de Latemse landhuizen, kreeg een te hoog prijzenkaartje opgespeld beweerde de grootste partij van Latem-Deurle, een groep die in 2001 voor het eerst in de geschiedenis van Latem op de oppositiebanken raakte. Ook het gemis aan visie betreffende de uiteindelijke invulling van het schattige gebouwtje kon nonkel Bob en zijn vrienden niet pruimen. Gezien de in rekening gebrachte som enkel op de ruwbouw sloeg, werd uiteraard gevreesd voor nog hogere kosten. Dit lijkt mij, gewoon raadslid en volksmens, de logica zelf. Als je iets moois en duurzaam wil, doe je het goed. De luiken, het terrasje in blauw hardsteen en andere ornamenten werden beschouwd als niet-origineel en werden terloops in vraag gesteld. Nochtans werden de ‘bouwheren’ uitvoerig geadviseerd door eminente deskundigen. Tot daar toe. Om kort te zijn, de meerderheid kon de rekening goedkeuren, de oppositie onthield zich. Intussen was toch al een halfuurtje verlopen. Records van ‘korte zittingen’ zouden die maandagavond niet meer afgeklokt worden.

Punt twee leek ook heikel. Er kwam discussie over de juiste configuratie van de Vennelaan en of deze al dan niet voor bestemmingsverkeer voorbehouden werd. Begrijpelijk, dit punt ligt gevoelig gezien de komst van het WZC Ter Venne en een crèche waar ‘Welzijn’ het helemaal niet eens is over de nood en de inplanting. Ook de ‘zachte verbinding’ met de in opbouw zijnde site zorgde voor wat gezonde discussie. Zou het wel een zachte verbinding blijven? Zou ze later toch niet zorgen voor mobiliteitsproblemen in de Vennelaan?  

Punt 3 was zo voorbij maar bij punt 4 had men toch weer twijfels op de oppositiebanken. Zone 30 in een gedeelte van de Lage Heirweg en de Oude Vierschaarstraat was niet onmiddellijk een garantie voor minder sluipverkeer en de ‘50 regel’ op de invalswegen kon ook een gevaar betekenen. De ‘kasseitjes’ aan ’t Oud Konijntje mochten er van nonkel Bob ook wat beter bijliggen want menige oliecarter moet er daar aan geloven. Bob, geen nood we vragen de Fixkes dat effen te fiksen en aan 30 mag een putje geen probleem geven, zelfs niet voor mijn Alfa Romeejootje..  en ... de meeste passanten hebben in die buurt een 4 x 4. Aankoop natuurgebied mocht dan weer geen opposanten kennen, maar over het advies van Imewo voor wat betreft energiebesparing was er dan weer twijfel over het nut en de noodzaak. Het ondergronds brengen van de leidingen en het aanpassen van de openbare verlichting in diverse straten kon gepruimd worden, evenzo de toelage aan Pakistan, deels via de gewone noodhulplijn en deels via het initiatief van een Gentse brandweerman, wiens actie van iedereen heel wat lof kreeg.

Over de personeelsleden met een reizende functie en het zeer positieve kwartaalrapport van de gemeenteontvanger kon en mocht niet gemopperd worden.

Toen kroop de kat in het horloge: de Roosdreef. Welzijn wou een principebeslissing over het dringende en dwingende onderhoud van de ‘verloederde’ dreef en vroeg, om de aangelanden van alle onheil te sparen, de platanen te ‘kandelaberen’. Gezien die ingreep (maar niet zo drastisch) al in de planning bij de ‘wintersnoei’ was opgenomen, vond de bevoegde schepen de belofte dat dit snel zou uitgevoerd worden en dat het eigen personeel het sluikstort zou opruimen een behoorlijk fair compromis. Welzijn wou echter de stemming over de opportuniteit van een principebeslissing. Hoe het uitgedraaid is, kan ik niet navertellen. Het einde van een Latemse raadzitting is zoals meestal chaotisch. Als je sinds mensenheugenis de knikkers hebt mogen verdelen en nu als oppositie niet met de knikkers mag spelen, kan dit inderdaad voor frustraties zorgen. Ik kan begrijpen dat men wil scoren naar het publiek toe, maar ik heb het moeilijk met die verhitte gebetenheid.

Na anderhalf uur had ik zelfs geen zin meer om de gebruikelijke ‘after pint’ te gaan drinken en haastte me huiswaarts. Tot mijn ergernis en stil verdriet werd ik voor de ‘buis’ nog ongelukkiger door de zwanenzang van onze Whoopi Wickmayer ...

Ja, het leven kan nochtans eenvoudig en mooi zijn.

werken tempelhof.jpg

Het Tempelhof bij de restauratiewerken

 

 

 

13:16 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

10-07-10

Sint-Martens-Latem: controverse bij drevenbeheer

Sint-Martens-Latem en de dreven...

Al jaren liggen we hier in dat zogenaamde rustige dorpje in discussie over het beheer en de mobiliteit in de dreven. Sinds vijftien jaar verspelen we onze tijd en geld aan oeverloze discussies over het hoe en waarom van verharding.

Verharding? Een dreef zou in se een onverharde weg moeten zijn en hier heeft men in de bos- en landelijke dreven vaak de fout gemaakt die te verharden om de bewoners tot vriend te houden. Nu ben ik geen specialist in bos- en landbouw maar ik heb een stukje boerenlogica meegekregen van mijn verre Ruddervoordse voorvaderen die meestal boer of bosbeheerder waren voor één of andere baron of graaf. Ik ben dus van nederige afkomst.

Wie op de buiten wil wonen, moet het stof of de modder erbij nemen of anders blijft hij beter een stadsmens.

Jammer genoeg is de ‘boerenstiel’ hier in ons idyllische kunstenaarsdorp volledig aan het wegkwijnen.
Toch zijn het mensen met een beetje boerenverstand en veel ervaring die de juiste oplossing kunnen bieden.
Schepenen Coryn en De Jaeger die thuiswaren in de land- en tuinbouw hadden beter moeten weten.

Weg die verhardingen! Rij rustig en geniet van holle wegen.

Nu zult u zeggen wat is een holle weg, hoe ontstaat hij en wat is zijn nut?

Een holle weg is een weg of pad waarvan het wegdek lager ligt dan het omliggende land. Eeuwenlang gebruik van hetzelfde pad, te voet of met paard en kar, leidde tot een natuurlijk erosieproces. Losgewoelde aarde spoelde af met het regenwater en op die manier diepte de weg zich jaar na jaar verder uit. Het is een proces dat ook vandaag nog optreedt zolang het wegdek onverhard blijft. Een ‘holle weg’ is die naam waardig wanneer het wegdek minstens een halve meter lager ligt dan de gronden rondom.

Het mooiste voorbeeld is het nog onverharde deel van de Kapitteldreef, waar we vroeger de Reinaertdreef, Buizenberg en de Koedreef in Deurle hadden.

Holle wegen zijn typische kleine landschapselementen voor heuvel- of duinstreken met een leemondergrond.
De fijne leemkorrels kleven goed samen en laten de vorming van stevige, steile wanden toe. Zand brokkelt geleidelijk af zodat hierin enkel ondiepe holle wegen ontstaan. Naast een geschikte bodem is een hellend reliëf nodig, opdat het afstromende regenwater voldoende kracht krijgt om grond mee af te voeren.

Op die manier worden op een natuurlijke manier de ontstane spoorvormingen of putten gevuld. Sommige holle wegen ontstonden in de Middeleeuwen of zijn nog ouder en dateren uit de Romeinse tijd. Holle wegen dragen dus een stukje geschiedenis mee en maken daarom deel uit van ons cultureel erfgoed.

Waarom zijn holle wegen zo bijzonder?

Naast hun cultuurhistorische waarde hebben holle wegen ook een belangrijke natuurwaarde. In ons intensief gebruikte landschap zijn holle wegen van groot belang voor plant en dier. Ze herbergen soms het laatste restje wilde natuur te midden van uitgestrekte akkers of dienen als verbindingsweg of stapsteen tussen bosjes en andere stukjes natuur die versnipperd liggen in de omgeving. Door hun verzonken ligging heerst in holle wegen een microklimaat, zeker wanneer de bermen bebost zijn. Het is er windluw, schaduwrijk, vochtig, koeler in de zomer en zachter in de winter dan ‘erbuiten’.

In beboste holle wegen vinden typische schaduwplanten hun stek: allerlei varens, Gele dovenetel, Geel nagelkruid, Salomonszegel. In de struik- en boomlaag vind of liever vond je een veelheid aan inheemse soorten. Ook holle wegen die niet bebost zijn kunnen een hoge natuurwaarde hebben. Vooral op zonnige bermen kan een grote verscheidenheid aan bloeiende kruiden voorkomen.

Naast een ecologische functie hebben holle wegen uiteraard ook een economische functie - vroeger in de eerste plaats voor de landbouw - en een recreatieve functie. Samen met andere ‘trage wegen’ zijn ze ideaal voor wandelaars, ruiters en fietsers om van het landschap te genieten.

Bedreigingen …

Helaas gaat het niet altijd even goed met onze holle wegen. Het toenemende verkeer (meestal bestemmingsverkeer) en de woekerende bebouwing zijn rechtstreekse bedreigingen. Talrijke holle wegen – en helaas ook andere kleine landschapselementen zoals graften, bomenrijen en houtkanten verdwenen (legaal of niet) de laatste decennia. Het gevolg was zonnebrand en stuk gereden wortelstructuur in bijvoorbeeld de Rode Beukendreef.

Vroeger werden de bomen en struiken in holle wegen meestal als hakhout beheerd Het hout werd regelmatig gedeeltelijk gekapt omdat men brand- en geriefhout nodig had. We willen de inwoners bewust maken van het waardevolle van de schaarse, nog bestaande holle wegen in hun omgeving.

De meeste holle wegen zijn immers officiële openbare wegen, ook al behoren de bermen soms voor een stuk tot het naastliggende perceel of privé-domein. Dit wil zeggen dat alle werkzaamheden die geen normaal onderhoud zijn, verboden zijn; tenzij hiervoor een ‘individuele ontheffing’ werd verkregen of een stedenbouwkundige vergunning met advies van het Agentschap voor Natuur en Bos van de Vlaamse overheid.

Het wijzigen van het wegdek door het aanbrengen van allerlei verhardingsmateriaal, het graven van een oprit naar een perceel, het verwijderen of vernietigen van vegetatie, … zijn duidelijk géén normale onderhoudswerken.

Een andere wetgeving die van toepassing is op vele holle wegen en andere ‘trage wegen’ (veldwegen, oude kerkwegels, paadjes, …) is de ‘Wet op de Buurtwegen’. Alle officiële buurtwegen zijn aangeduid in de ‘Atlas der Buurtwegen’, die ter inzage ligt bij de gemeenten en de provincie. Deze buurtwegen zijn openbaar: iedereen mag er gebruik van maken en ze mogen ook niet afgesloten worden. Dit geldt ook voor buurtwegen die gelegen zijn op private eigendom!

Het wordt dus een dwingende noodzaak om het dossier ‘Trage Wegen’ in onze gemeente eindelijk eens grondig te inventariseren en toe te zien wat nog kan gered worden. Geef het dossier uit aan een fijngevoelig bureau voor landschaparchitectuur met mensen met kennis van zaken, mensen die de natuur nog met hart en ziel verdedigen en dienen.
Dreven en holle wegen zijn geen crosscountry- of snelheidsparcours, matig dus je snelheid en het stof zal minder opwaaien. Je kent toch die mop van die muis en die olifant die door de woestijn rennen, of niet soms?

Misschien denk je: “met wat moeit de Loathemsche Kleppe zich nu?” Het is simpel: Latem en Deurle liggen hem nauw aan het hart.

Kapitteldreef

De Kapitteldreef, foto Eveline Czerniewski

14:53 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

09-07-10

Sint-Martens-Latem: een beetje nostalgie mag toch?

 

Het is nu niet dat we van Latem en Deurle Bokrijk moesten maken want dat zou utopisch zijn. We hebben hier nu eenmaal niet het ‘limburggevoel’.

Ik kom regelmatig bij vrienden in de Borggravevijverstraat in Hasselt, op een steenworp van Bokrijk. Niet specifiek voor het heerlijke Bokrijk met zijn kruidentuinen en heerlijk groen, hoewel ik er toch niet kan aan weerstaan. Ik geniet dan niet alleen een weekend lang van de sfeer, de geur van de lemen hoeve en de wilde visvijver van mijn gastheer maar ook van de openheid en de minzaamheid van de Hasselaar. De Flanders Nippon, een schitterend golfterrein, waar ook ik een balletje mag slaan, straalt een sfeer van vriendschap uit. Als je na de negen holes van het openbare terrein op het terras van de bar een verfrissing neemt wordt je gekust en geknuffeld alsof je gans je leven al Hasselaar was.

Wij hebben hier inderdaad ‘Les Buttes Blanches’ en ‘La Garenne’, één van de mooiste golfclubs en clubhouses van België. Nu is het de ‘Royal Latem Golf Club’, gesticht door Albert Feyerick - als ik me niet vergis - in 1909. Ik sta steeds weer in bewondering voor de mensen van de groendienst die het domein schitterend verzorgen. Mijn vader, zijn neven en nichten waren er caddie van 1919 tot 1930 en later. Ik meen zelfs te weten dat een van hen, Michel Verschueren, er caddie master was en jammerlijk verdronk toen hij in de poel op zoek ging naar een bal en onwel werd.

Uiteraard moest ik van thuis uit ook ‘stokken gaan dragen’. Ik liep daar rond van 1957 tot 1965 en had het geluk vaak met heerlijke spelers te kunnen optrekken. Van sommige mocht je dan, uit het zicht van de ‘directie’, ook al eens een balletje mee slaan. Dan had je nog wel die onvermijdelijke 9-putspelers waar je veel tijd mee verloor door het zoeken naar de verloren ballen, maar van wie je veel vriendschap had. Dat telt ook!

Ik herinner mij zo voor de vuist weg M. en Mw. Dubois, Mademoiselle Van Hauwaert en een kleurrijk figuur als Meneer Duvivier, die onder de caddies meestal ‘den ouwen duv’ genoemd werd. Hij woonde in de villa op het parcours van ‘den twee’ en had dubbel zoveel slagen nodig als een ander. Bij zijn derde slag (!) op de twee sloeg hij de bal steevast in het strooien dak van zijn villa. Met de tijd mocht ik met de tweede slag de bal zodanig leggen dat ‘het obstakel’ vermeden werd. Het was een heerlijke jeugd met de familie Swaelens en een crème van een caddie master als Aimé Van Hecke. Met het ‘drinkgeld’ dat we daar opstreken en met wat klussen in de St Christophe, de Pêcheur of bij de Lima, kocht ik dan een tweedehandse motorboot en verkoos te gaan spelevaren met mijn liefje in Baarlehoek.  Thuis mochten ze uiteraard niets weten van die speedboot. Die lag veilig bij Maurice en Bertha aan Baarleveer. Toen verwaterde die drang naar de golfclubs helemaal. Muziek, liefde en voetbal kregen de voorkeur.

Pas in 1980 kwamen de clubs weer boven water. Naast het tennissen ging ik af en toe, bij ondergaande zon, een balletje slaan. Voor een ex-caddie kneep men wel een oogje dicht want ik deed amper 4 holes aan en stoorde niemand. In mijn tuin had ik zelfs een ‘green’ aangelegd waar ik naar hartelust kon putten...

Ik vraag me soms af of dat vandaag nog zou kunnen. Latem heeft een zodanige metamorfose ondergaan en de zeden en gewoontes zijn totaal anders.

We kunnen nu wel terecht in Drongen of Puyenbroeck maar het is niet ons vertrouwd terrein.

Maar hebben we als Latemnaar nog ergens vertrouwd terrein buiten onze eigen tuin? Ik weet het, het is kwestie van perceptie en van assertiviteit, maar ik ben nu eenmaal een nostalgicus. Gelukkig is er een opwaardering van de wijk- en straatfeesten. Onze kermissen hebben ook die volkse sfeer verloren. Geen ouderwetse pensenkermis meer, geen haantjeskaarting, hoepelbolling of pitjesbak... Hoewel! Brakelkermis heeft nog zo iets volks.

Nu is er een ‘chillfuif’, een kreeftenfestijn, is er een champagne- en oesterbar. Niet te versmaden, verre van. Die heerlijke kermisgeur hangt echter niet meer in ons dorp. Op 22 augustus is het weer zover: twee weken Latem- en Deurlekermis. We gaan toch nog eens de sfeer opzoeken en wat beeldjes schieten voor de achterkleinkinderen. Toch even degusteren op het terras van ‘De Klokkeput’, de ogen sluiten en terugdenken aan de tijd van Miel en Frans De Cauter, La Belle Hélène, The Cotton City Jazzband, Koen & De Piotto’s en de frisse pinten bij Bakker Claeys. Kwestie van geen heemkundig gat te krijgen in de geschiedenis van de Leiedorpen zijn we het onze nazaten verplicht.

geitenkeuring la belle Helene 1958
Geitenkeuring 1958 - Foto Archief Latem-Deurle

 

 

 

 

 

 

10:45 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

08-07-10

Ons Loathemsch Woordenboekske es op de reels

We zijme al un hiele puuze bezig mee un woordenlijste te makken mee de woorden dienze ier gebruikteggen in den tijd dan der nog echtige Loatemneers woaren.
Nui es da ier sins joaren un verbassedeerd durp mee inweuners van hiel de planeete. 

Ge moet mai nui nie geluuven moar 't en es nie d'eeviedensse zelve om nog d'echte klanken te vinden. Wemme bijna ollemolle gestudeerd of ons pannenbroek versleten op de scholbanken en kennesse gemakt mee vrienden uit alderhande windstreken en tuurlijk uldren woordenschat en aksent overgepakt. 

Ge moet al weten da Deurles uuk al anders klinkt en dan de wijken Boarl'oek en Brakkel uuk andere klanken brabellen. We doen dan uuk moar un proboasse en oas ge gulder nog woorden of gezegdes vindt, geef ze moar deure!

Noar da't schijnt begint den ABC mee de A, dus ier zijme mee den iesten letter:

 

A

 

Aamer: hamer

Achterien: na elkaar

Achterwoarsterigge: vroedvrouw of iemand die hielp bij thuisbevalling - pejoratief: klapije

Afbustelen: afkloppen – ‘z’en em serjeus afgebusteld’ (een rammeling gegeven)

Àffel:  navel

Àffeseren: vooruitgaan, vorderen

Affrónt:   (ww: affronteren) belediging

Afgank:   diarree, (slecht van afgank = gierig),             vernedering

Afrijzer: glijbaan

Aftrekker: flessenopener

Akse: aandeel, part, soort bijl – ‘in akse schieten: beginnen

Akkrootje: tegenslag, botsing

Alpijn: alpenmuts

Altegoare: allemaal samen, 'tuupe te goare'

Ameldonk, amidon: maïszetmeel gebruikt voor het stijven van witgoed

Andieve: andijvie

Andjuun(s): ajuin(en)

Andjuuntsessausse: ajuinsaus

Annekesnest: troep, aanhang, ongeordende verzameling van allerlei zaken

Antrok (én): succes hebben (bij het andere geslacht)

Appeltrot: appelmoes

Appliek: muurlamp

Arrewar:   tumult, geharrewar ...

Ap: aap. (nen marteko)

Auverech(t)s:omgekeerd

Auwiel: houweel

 


Gasten, ge ziet damme nog nie te veele gevonden én, loat ulder uuren oas 't er iet mis es en geef moar buzze of sajette oas ge kunt elpen!


Peet Damman

 

An Frans 'Peet' Damman, den 'caddy' van Cyriel Buysse un kumme't niemer vroa'en... 


18:46 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

Alle berichten