12-08-11

Sint-Martens-Latem: papieren versie van De Loatemsche Kleppe verdwijnt

Het hing al geruime tijd in de lucht. De papieren versie van de satirische periodiek was gedoemd om te verdwijnen. Hoewel de 3.000 exemplaren gratis te verkrijgen waren in de meeste winkels en vlot gelezen werden, kon - bij gebrek aan sponsoring - het drukwerk niet meer betaald worden. Vier edities bij elkaar schrijven was geen probleem maar het zoeken naar sponsoring werd een last. De redactie dankt zij die sinds 1995 de kosten van het drukken op zich namen, vaak anoniem steunden. In 2007 begon het echter moeilijk te worden om sponsoring te vinden. Er waren veel pogingen om via de sociale netwerken maar meer dan 250 euro kwam er niet in het spaarvarken. Als je weet dat één editie 330 euro kost, begrijp je snel dat het vechten tegen de bierkaai was. Nochtans, als 1.000 lezers 1 euro in de 'missiepot' hadden gestort, konden de 3 tot 4 nummers per jaargang gegarandeerd worden. Niet getreurd. Langs het Internet zullen de volgende nummers wel de geïnteresseerde lezer blijven vinden.

De redactie kreeg heel wat 'rouwbetuigingen' binnen want het bladje was voor velen een collector's item. Heel wat trouwe lezers hadden de eerste 50 nummers laten inbinden tot hardcover en dat doet mij als uitgever plezier. Het is plezant te horen dat een massa Latem- en Deurlenaars jouw pennenvruchten gewaardeerd heben.

Via deze blog zal nog meer nieuws en satire gespuid worden en zullen we de politici en volksfiguren kritisch maar eerlijk blijven beschrijven.

Aan sprookjes komt meestal een 'happy end' en laten we die dan zoeken langs de digitale snelweg... Nie pleuje is een geijkte uitdrukking in onze regio!

Voorlopig kunnen de 'fans' hier terecht:

http://transparantlatemdeurle.wordpress.com/2011/08/10/de...

 

Veel leesgenot en bedankt voor die mooie jaren!

sticker cropped.jpg


17:25 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

03-02-11

Sint-Martens-Latem: de rijkste gemeente?

Als er 1 zaak is waar ik mij blijf aan ergeren dan is het wel het uitsmeren van de statistieken over waar nu de rijkste burgers van ons land wonen. Ik word het zat dat precies de gemeente waar ik geboren, getogen en... geleefd wordt telkens met goud gaat lopen bij deze 'olympische discipline' van de FOD.

Ik zal de cijfers niet betwisten. Ze staan voor wat ze staan. Wel weet ik met grote zekerheid dat dit beeld de 'gezondheid' van mijn dorp schaadt. Er is een overvloed aan kapitaal. Akkoord. Het is echter jammer dat het niet eerlijk verdeeld is onder de 9.300 of iets meer inwoners. 

Als je sociaal begaan bent en je interesseert je voor het lot van 'alle schapen van de parochie' - om het in herderlijke taal te stellen - dan zal je moeten bekennen dat meer inwoners aan de rand of een paar honderd euro boven het minimuminkomen dobberen dan dat er hele rijken zijn...

Wat is die statistiek dan nog waard?

Misschien is dit voor buitenstaanders moeilijk te vatten. De doorsnee-Latemnaar weet dat maar al te goed.

Of die statistieken, behalve voor intern gebruik bij de overheid, voor de burger relevant zijn, valt te betwijfelen. In ieder geval brengt het sommige 'sujets' op rare gedachten en dan verwijs ik naar de statistieken van de regionale politiezone waar het aantal inbraken binnen die gemeenten de pan gaan uit swingen. Kijk maar eens naar de financiële ranking van buurgemeente De Pinte!

In elk geval, mij stoort die competitie. Toch wil ik jullie de link naar een objectief artikel meegeven:

http://netto.tijd.be/geld_en_gezin/belastingen/Waar_wonen...

 

09:55 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

10-01-11

Ons hart klopte sneller door Sara!

 

Zijn jullie er, net als ik, ook ingetuind en stemden jullie af op VT4 waar een vlotte Véronique De Kock de ‘show’ in handen nam?
Show is een groot woord. Denderend vond ik het avondvullende programma niet maar er was een dorpsgenote bij de laatste vijf en ik wou nu toch weten of ze het podium haalde.

Haar buurman, vrienden, ja tot de Latemse burgervader toe, hadden mij overtuigd een beetje campagne te voeren en hoewel ik deze aantrekkelijke jonge vrouw niet kende, stuurde ik gul mailtjes rond en plaatste haar op mijn FB-profiel. Uiteraard had ik wel eerst, naast de ‘vakbladen’, ook de roddelpers doorgenomen en daar raakte ik overtuigd dat ‘ons Sara’ het ver kon brengen.

Nochtans wou het toeval dat ik net ‘Misleid’ van mijn maatje Pieter Aspe aan het lezen was.
In deze thriller rond de kroning van een miss wordt flink achter de schermen gescharreld en komt de ‘onderbouw’ van missverkiezingen nogal wankel te staan. Dus, scepsis was troef.

Nu wil ik alle inrichters niet over dezelfde kam scheren. Ik blijf mij vragen stellen over de objectiviteit van een jury en blijf het sms-systeem een ‘ontluisterende’ parameter vinden.
Poenschepperij en omkoperij laat ik links. Ik ben niet thuis in dat wereldje en blijf dan ook bij mijn leest. 

Wat mij het meest ergert is echter de gebrekkige talenkennis van de meeste kandidates.
Je moet verdorie een land vertegenwoordigen en als miss heb je problemen om je in de eigen landstalen fatsoenlijk uit te drukken. Nu, ons Sara deed dat goed. Je merkte wel dat ze een beetje gestresseerd was, maar je zou dat voor minder.

Op gebied van présence, vlotheid en taalvaardigheid verdiende ze een podiumplaats. Als ik chauvinistisch uit de hoek wil komen, mocht ze van mij (en de ganse huiskamer) zelfs het kroontje krijgen.

Vreemde talen lijkt in ons Belgenland toch wel een probleem in de nieuws- en mediawereld.
Ik kan me mateloos ergeren als ik onze Vlaamse journalisten of presentatoren verslag zie en hoor brengen en dan nog het meest wat hun kennis van de Franse taal betreft. 
Sportcommentatoren krijgen makkelijker het Spaans en Italiaans onder de knie dan ons tweede ‘moedertaal’.

Nu weet ik wel dat bij het ‘missgebeuren’ op wereldvlak Engels wel de meest gebruikelijke voertaal zal zijn, maar toch. Als goede Belg zouden missen, politici, presentatoren en journalisten toch de fierheid in zich moeten hebben om minstens het Nederlands, het Frans en een ‘flardje’ Duits te beheersen.

Nu, Sara haalde het niet. Ik was niet ontgoocheld maar verbolgen. Ik had een 'Calimero gevoel'.

Nu, de West-Vlaamse ‘rechtenstudente’ Justine De Jonckheere, met haar 18 lentes de jongste finaliste, werd uiteindelijk de nieuwe Miss België.

Ze is een miss zoals de boekjes ze voorschrijven: ze oogt mooi, kan het sappig uitleggen (met de typische, streekgebonden tongval) en ze trekt haar streng in het Frans.

“Ik heb de perfecte mix van eigenschappen om de perfecte ambassadrice van mijn land te zijn”, stelde ze later. “Ik ben sociaal, spontaan en ik heb het hart op de juiste plaats. En ik kan mij in beide landstalen uitdrukken”... Als je maar in jezelf gelooft, hé!

Kom, Sara, niet getreurd. Voor ons was je top. Relativeren is de kunst en je hebt je kansen met verve verdedigd! Wij zijn fier op jou!

 

 

saravermassen.jpg

Photo Sara Vermassen by courtesy of Sara

 

 

12:17 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-01-11

We 'crosjeteren' vuurt an onzen Loatemschen Woordenboek

Dialectwoorden zoeken uit je eigen dorp is niet alles. De autochtonen die het ons nog spontaan konden vertellen zijn er niet meer en ons (dat van de huidige 50-plussers) vocabularium is door het Gents en West-Vlaams totaal verbasterd. 

Hier komt de C, D en E! 

Er is echter nog veel werk aan de winkel en dus is een beetje hulp altijd welkom.


C

 

Carnasjeere: boekentas

Carreauhende: geruite hemd

Cens: geld

Cervela: soort worst

Chambran: deuromlijsting

Chapelure: paneermeel

Chassen: wc doorspoelen

Chicaneren: vitten, discussiëren

Clignoteur: richtingaanwijzer (zie ook: pinker)

Coede: aansluitstuk in leiding

Cresson: waterkers

Crosjeteren: haken, haakwerk maken

Culoo: lef; ‘den dienen ee nogal un beetse culoo!’

 

D

 

Dada: hobby, passie; ‘goan dansen es zijnen dada’

Dantiest: tandarts

Dakdekker: dakwerker

Deebarra: rommelkamer, achterkeukentje

Dekker: iemand die graag neukt

Desselen: dorsen

Dèssinge: rammeling

devuren (zijn … doen): zijn best doen

Deidei: dag, tot kijk

Diere: de toatten zijn diere van de joare... duur, kostelijk

Dijssendag: dinsdag

Dominofiesse: een verdeelstekker voor elektrische aansluitingen

Drets: vuile, vieze bedoening

Dreupel: borrel

Drilkonte: iemand die graag op stap gat 

Dulte: hooizolder

Dust: dorst

Dui: duw, dauw

Duuf: doof, hardhorig

Duum: damp, stoom

Duvelkeskirmesse: regenen terwijl de zon straalt

Dzjuun(s):  ajuin(en), ook andjuun(s) 

 

E

 

Eesjappement: uitlaat (van auto)

Eigrond: bosgrond, gecomposteerde bladgrond (ook 'heigrond')

Ekstijl: een koppigaard, iemand die bij zijn mening blijft al heeft hij ongelijk (ook hekstijl)

Enkelgeld: wisselgeld (ook: kluitegeld)

Entrepreneur: aannemer (van bouwerken)

 

 

16:24 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

03-01-11

De pot verwijt de ketel...

 

Louter om mijn 'sneeuwarrest' wat te verlichten, heb ik er mij aan gewaagd de plaatselijke 'Welzijn GAZET' eens te doorbladeren. Gelukkig 'es papier verduldig' want veel nieuws staat er niet in.
Ik heb de indruk dat de plaat van 'Uncle Bob & Friends' nog in vinyl geperst is of als het toch al een CD is, moet er toch een mankement in het 'leezertje' zitten want de opname blijft af en toe wat hangen.

Enkele jaren terug zou ik boos gereageerd hebben maar vandaag kan ik dat al een beetje relativeren.

Nu wil men ons wijsmaken dat het huidig bestuur schuld heeft aan de wateroverlast en de zompige bouwgronden in het onvolprezen 'Nieuw Latem': mijn eigen habitat Hoog Latem.

Het geheugen is bij Welzijn ook dat niet meer! Wie heeft in de fleurige hippietijd de aanzet gegeven om overstromingsgebied en waterzieke grond om te toveren tot bouwgrond? Juist!
Zij die vandaag met de vinger wijzen naar het huidig bestuur hadden toen geen 'watertoets' nodig om 'slechte' bouwpercelen te gelde te laten maken!

Ook zij klagen, vandaag, het uitblijven van Ruimtelijke Uitvoeringsplannen aan terwijl zij 'regeerden' in ruimtelijke wanorde.

Ook zij gaven de aanzet tot verstedelijking en het 'uitdoven' van de 'kabardoeskes' langs de Kortrijkse Steenweg. Herinner u de komst van de eerste 'blokkendozen'... en zie wat er met de grondprijzen gebeurde. Lees er maar het jongste jaarboek van de 'Heemkring Scheldeveld' op na!

Ook het aankoopbeleid van vroeger komt uitvoerig aan bod. Welzijn was de bewaarder van hét erfgoed. Er werd toen inderdaad onroerend erfgoed gekocht met gemeentegelden. Wel is het jammer dat er na verwerving weinig aandacht besteed is aan het onderhoud. Alles werd toen gedaan 'in eigen regie', maar duurzaamheid moest wijken voor 'oplapperij'. Vandaar staan wij, Latem- en Deurlenaars, nu met verkrotte, uitgeleefde bouwvallen.

Ik lees eveneens dat de vrienden onze inwoners willen overtuigen dat de huidige bibliotheek in aanmerking komt voor renovatie en niet thuishoort op de site aan de Hoge Heirweg waar de POB prachtig zou geïntegreerd worden in een multifunctioneel cultuurcentrum met deftige parkeerruimte. Dat cultuurcentrum en het WZC noemt Welzijn megalomaan en te grootschalig voor hun respectieve locaties én daarenboven verkwisting van belastingsgelden.
Er is heisa over de afbraak van de bruine en witte huisjes aan de Priesterage. Man, moest de bevolking weten uit welke materialen ze 30 jaar terug werden opgetrokken en in welke staat ze na amper 1 jaar al waren, het dorp is té klein! Eerlijkheid duurt het langst... enz... 

Jawadde! Wat moet dan nog gezegd over nonkel Bob zijn 'oversized' gemeentehuis dat architectonisch mooi oogt maar helemaal niet past in een oude dorpskern en bovendien bouwtechnisch een dikke nul scoort.

Ik zou zo kunnen doorgaan maar dat zal voor de volgende keer zijn. Nu de dooi ingetreden is, wil mijn meute honden wat beloop hebben en als een goede hoeder moet ik mijn beestjes ook een pleziertje gunnen.

Geen nood, we keren er nog op terug. Er zijn nog heel wat zaken waar ik nog een boompje wil over opzetten...

 

estaminet oud gemeentehuis Photo0010.jpg

Waarom heeft Welzijn indertijd deze parel van een landmerk niet 'durven' aankopen?

17:47 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Wie A zegt moet ook B zeggen of letter 2 van het Loatemsch Woordenboek

We kregen toch reactie!

Hierbij enkele toegevoegde woorden met B als beginletter. Kent u er nog? Laat je gaan!

 

Betiektakt: bezeten door, zot van

Biberon: zuigfles, papfles

Bloaze: stoefer, blaaskaak, snoever

Boarvoets: op blote voeten, blootvoets

Boogerd of Buumgoard: boomgaard


In 2010 waren we gestart met de letter A van ons dialectwoordenboek. We hadden gehoopt enkele tips, woorden of uitdrukkingen rijker te worden via reacties, maar ... nope!
Misschien is er meer 'inspiroasse' veur B:

B

 

Bâche: afdekzijl

B(e)loende:   soort salami op basis van paardenvlees ...

Badder: soort houten balk

Bakhuis: gezicht, mond (ook: bakkes) - ook klein ovenhuisje gedeeld voor de 'bakte' van gezinnen...

Baladeuse: looplamp

Balgvulder: veelvraat

Bálop: exact, vlakop (ee est er bàlop)

Bariele: slagboom

Baskuul: weegschaal

Bassen: blaffen, ook zwaar hoesten

Baulde: slagboom, afsluiting, hek

Bavette: slabbetje (ook: zieverlapke)

Bedeerven: overdreven verwennen, kwaliteit verliezen, rotten (voeding), vergallen

Begankenisse: drukte (van volk), rumoer

Beite: ooi (schaap) 

Beize: schommel

Beeze: bes, kus

Biekelen: vijf  loodjes opwerpen en ze opvangen met de hand (volksspel)

Bielde: hoofd, houten dwarsligger bij treinsporen 

Bierscheelke:  kroonkurk

Biestses (de):   jicht,  - zien: waanvoorstelling bij overmatig drankgebruik

Biezebeize: schommel

Bijlap: bijnaam

Binnen un beetse: straks, later

Beerloet: beerschepper, beerlepel om beerputten leeg te scheppen

Beetel: beitel

Beetterauven: bieten

Blafte: iets zeer groot, hevige klap  (ook muilpeere)

Blageur: opschepper, praatjesmaker, snoever

Bleine: blaar (op handen of voeten).

Blinderke spelen: verstoppertje spelen

Blitten: wenen, (ook bleiten)

Bloare: slecht opgevoed jong meisje

Bloaskes: iemand … wijsmakken: iemand iets op de mouw spelden, liegen

Bloaze: blaaskaak, dikkerd

Bloedtriepen: bloedworsten

Blokjoaren: overgangsjaren

Blomkuule: bloemkool, ook een gezonde vrouw

Bluts: deuk

Boate: brievenbus, versnellingsbak 

Bolleketten: grote knikkers

Boetse: boterham

Bom: bodem; den bom van un kasrolle

Bontepiroo: wondzalf, verbastering van baume du Pérou

Boarvoets: op blote voeten

Boste: barst

Bottiene: rijglaars, hoge schoen

Boven ola: een extraatje

Brauker: schoffel

Broave: braaf

Brie’en: boterhammen smeren of beleggen

Briekee: aansteker

Broebelen: wartaal spreken, onduidelijk spreken

Broekàf: kaartspel

Bronseleere: knoeier

Buile: bluts

Bussel: samengebonden stro

Bustel: borstel

 

dialect.jpg

Photo courtesy bibliotheek Brugge

 

 

16:55 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

09-09-10

EEN RAADZAAL MET EEN DUBBEL GEVOEL

 

SPANNINGSVELDEN IN DE RAADZAAL

 

Het is merkwaardig met wat een dubbel gevoel je de raadzaal van jouw dorp kan ervaren.

Vrijdag 3 september stond ik er met een zestigtal lotgenoten aan te schuiven aan de poort van het verzadigde schip van het gemeentehuis. Beeldend kunstenaar Piet Bekaert was bij leven al een publiekslieveling en nu, 10 jaar na zijn dood, hadden een 500-tal kunstliefhebbers en vrienden de zaal ingenomen bij de fantastisch georkestreerde vernissage van zijn retrospectieve tentoonstelling. Zelf was ik één van de sukkels die buiten geduldig moest aanschuiven om eventueel na de academische zitting van een borrel en een praatje te kunnen genieten.

Het tart de verbeelding hoeveel mensen Piet nu nog in het hart dragen. Het is hem gegund want hij was een fijnzinnige man.

Een ludieke berichtgeving over de raadzitting

Maandagavond 6/9 was ik er opnieuw. Ditmaal voor een totaal ander evenement: de gemeenteraadszitting. Een zestiental getrouwen woonden de publieke zitting bij. De sfeer was goed om het met een ‘Wetstraateese’ uitdrukking te verwoorden. Het duurde even voor de aanwezige raadsleden hun zitje innamen. Bij de mededelingen begon het tij te keren. Je voelde de bui hangen. Een vraag tot verdaging van een agendapunt kon nog net maar bij het eerste agendapunt zat het al scheef. De renovatie van het befaamde Tempelhof, de icoon van de Latemse landhuizen, kreeg een te hoog prijzenkaartje opgespeld beweerde de grootste partij van Latem-Deurle, een groep die in 2001 voor het eerst in de geschiedenis van Latem op de oppositiebanken raakte. Ook het gemis aan visie betreffende de uiteindelijke invulling van het schattige gebouwtje kon nonkel Bob en zijn vrienden niet pruimen. Gezien de in rekening gebrachte som enkel op de ruwbouw sloeg, werd uiteraard gevreesd voor nog hogere kosten. Dit lijkt mij, gewoon raadslid en volksmens, de logica zelf. Als je iets moois en duurzaam wil, doe je het goed. De luiken, het terrasje in blauw hardsteen en andere ornamenten werden beschouwd als niet-origineel en werden terloops in vraag gesteld. Nochtans werden de ‘bouwheren’ uitvoerig geadviseerd door eminente deskundigen. Tot daar toe. Om kort te zijn, de meerderheid kon de rekening goedkeuren, de oppositie onthield zich. Intussen was toch al een halfuurtje verlopen. Records van ‘korte zittingen’ zouden die maandagavond niet meer afgeklokt worden.

Punt twee leek ook heikel. Er kwam discussie over de juiste configuratie van de Vennelaan en of deze al dan niet voor bestemmingsverkeer voorbehouden werd. Begrijpelijk, dit punt ligt gevoelig gezien de komst van het WZC Ter Venne en een crèche waar ‘Welzijn’ het helemaal niet eens is over de nood en de inplanting. Ook de ‘zachte verbinding’ met de in opbouw zijnde site zorgde voor wat gezonde discussie. Zou het wel een zachte verbinding blijven? Zou ze later toch niet zorgen voor mobiliteitsproblemen in de Vennelaan?  

Punt 3 was zo voorbij maar bij punt 4 had men toch weer twijfels op de oppositiebanken. Zone 30 in een gedeelte van de Lage Heirweg en de Oude Vierschaarstraat was niet onmiddellijk een garantie voor minder sluipverkeer en de ‘50 regel’ op de invalswegen kon ook een gevaar betekenen. De ‘kasseitjes’ aan ’t Oud Konijntje mochten er van nonkel Bob ook wat beter bijliggen want menige oliecarter moet er daar aan geloven. Bob, geen nood we vragen de Fixkes dat effen te fiksen en aan 30 mag een putje geen probleem geven, zelfs niet voor mijn Alfa Romeejootje..  en ... de meeste passanten hebben in die buurt een 4 x 4. Aankoop natuurgebied mocht dan weer geen opposanten kennen, maar over het advies van Imewo voor wat betreft energiebesparing was er dan weer twijfel over het nut en de noodzaak. Het ondergronds brengen van de leidingen en het aanpassen van de openbare verlichting in diverse straten kon gepruimd worden, evenzo de toelage aan Pakistan, deels via de gewone noodhulplijn en deels via het initiatief van een Gentse brandweerman, wiens actie van iedereen heel wat lof kreeg.

Over de personeelsleden met een reizende functie en het zeer positieve kwartaalrapport van de gemeenteontvanger kon en mocht niet gemopperd worden.

Toen kroop de kat in het horloge: de Roosdreef. Welzijn wou een principebeslissing over het dringende en dwingende onderhoud van de ‘verloederde’ dreef en vroeg, om de aangelanden van alle onheil te sparen, de platanen te ‘kandelaberen’. Gezien die ingreep (maar niet zo drastisch) al in de planning bij de ‘wintersnoei’ was opgenomen, vond de bevoegde schepen de belofte dat dit snel zou uitgevoerd worden en dat het eigen personeel het sluikstort zou opruimen een behoorlijk fair compromis. Welzijn wou echter de stemming over de opportuniteit van een principebeslissing. Hoe het uitgedraaid is, kan ik niet navertellen. Het einde van een Latemse raadzitting is zoals meestal chaotisch. Als je sinds mensenheugenis de knikkers hebt mogen verdelen en nu als oppositie niet met de knikkers mag spelen, kan dit inderdaad voor frustraties zorgen. Ik kan begrijpen dat men wil scoren naar het publiek toe, maar ik heb het moeilijk met die verhitte gebetenheid.

Na anderhalf uur had ik zelfs geen zin meer om de gebruikelijke ‘after pint’ te gaan drinken en haastte me huiswaarts. Tot mijn ergernis en stil verdriet werd ik voor de ‘buis’ nog ongelukkiger door de zwanenzang van onze Whoopi Wickmayer ...

Ja, het leven kan nochtans eenvoudig en mooi zijn.

werken tempelhof.jpg

Het Tempelhof bij de restauratiewerken

 

 

 

13:16 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Actualiteit, Algemeen, Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

10-07-10

Sint-Martens-Latem: controverse bij drevenbeheer

Sint-Martens-Latem en de dreven...

Al jaren liggen we hier in dat zogenaamde rustige dorpje in discussie over het beheer en de mobiliteit in de dreven. Sinds vijftien jaar verspelen we onze tijd en geld aan oeverloze discussies over het hoe en waarom van verharding.

Verharding? Een dreef zou in se een onverharde weg moeten zijn en hier heeft men in de bos- en landelijke dreven vaak de fout gemaakt die te verharden om de bewoners tot vriend te houden. Nu ben ik geen specialist in bos- en landbouw maar ik heb een stukje boerenlogica meegekregen van mijn verre Ruddervoordse voorvaderen die meestal boer of bosbeheerder waren voor één of andere baron of graaf. Ik ben dus van nederige afkomst.

Wie op de buiten wil wonen, moet het stof of de modder erbij nemen of anders blijft hij beter een stadsmens.

Jammer genoeg is de ‘boerenstiel’ hier in ons idyllische kunstenaarsdorp volledig aan het wegkwijnen.
Toch zijn het mensen met een beetje boerenverstand en veel ervaring die de juiste oplossing kunnen bieden.
Schepenen Coryn en De Jaeger die thuiswaren in de land- en tuinbouw hadden beter moeten weten.

Weg die verhardingen! Rij rustig en geniet van holle wegen.

Nu zult u zeggen wat is een holle weg, hoe ontstaat hij en wat is zijn nut?

Een holle weg is een weg of pad waarvan het wegdek lager ligt dan het omliggende land. Eeuwenlang gebruik van hetzelfde pad, te voet of met paard en kar, leidde tot een natuurlijk erosieproces. Losgewoelde aarde spoelde af met het regenwater en op die manier diepte de weg zich jaar na jaar verder uit. Het is een proces dat ook vandaag nog optreedt zolang het wegdek onverhard blijft. Een ‘holle weg’ is die naam waardig wanneer het wegdek minstens een halve meter lager ligt dan de gronden rondom.

Het mooiste voorbeeld is het nog onverharde deel van de Kapitteldreef, waar we vroeger de Reinaertdreef, Buizenberg en de Koedreef in Deurle hadden.

Holle wegen zijn typische kleine landschapselementen voor heuvel- of duinstreken met een leemondergrond.
De fijne leemkorrels kleven goed samen en laten de vorming van stevige, steile wanden toe. Zand brokkelt geleidelijk af zodat hierin enkel ondiepe holle wegen ontstaan. Naast een geschikte bodem is een hellend reliëf nodig, opdat het afstromende regenwater voldoende kracht krijgt om grond mee af te voeren.

Op die manier worden op een natuurlijke manier de ontstane spoorvormingen of putten gevuld. Sommige holle wegen ontstonden in de Middeleeuwen of zijn nog ouder en dateren uit de Romeinse tijd. Holle wegen dragen dus een stukje geschiedenis mee en maken daarom deel uit van ons cultureel erfgoed.

Waarom zijn holle wegen zo bijzonder?

Naast hun cultuurhistorische waarde hebben holle wegen ook een belangrijke natuurwaarde. In ons intensief gebruikte landschap zijn holle wegen van groot belang voor plant en dier. Ze herbergen soms het laatste restje wilde natuur te midden van uitgestrekte akkers of dienen als verbindingsweg of stapsteen tussen bosjes en andere stukjes natuur die versnipperd liggen in de omgeving. Door hun verzonken ligging heerst in holle wegen een microklimaat, zeker wanneer de bermen bebost zijn. Het is er windluw, schaduwrijk, vochtig, koeler in de zomer en zachter in de winter dan ‘erbuiten’.

In beboste holle wegen vinden typische schaduwplanten hun stek: allerlei varens, Gele dovenetel, Geel nagelkruid, Salomonszegel. In de struik- en boomlaag vind of liever vond je een veelheid aan inheemse soorten. Ook holle wegen die niet bebost zijn kunnen een hoge natuurwaarde hebben. Vooral op zonnige bermen kan een grote verscheidenheid aan bloeiende kruiden voorkomen.

Naast een ecologische functie hebben holle wegen uiteraard ook een economische functie - vroeger in de eerste plaats voor de landbouw - en een recreatieve functie. Samen met andere ‘trage wegen’ zijn ze ideaal voor wandelaars, ruiters en fietsers om van het landschap te genieten.

Bedreigingen …

Helaas gaat het niet altijd even goed met onze holle wegen. Het toenemende verkeer (meestal bestemmingsverkeer) en de woekerende bebouwing zijn rechtstreekse bedreigingen. Talrijke holle wegen – en helaas ook andere kleine landschapselementen zoals graften, bomenrijen en houtkanten verdwenen (legaal of niet) de laatste decennia. Het gevolg was zonnebrand en stuk gereden wortelstructuur in bijvoorbeeld de Rode Beukendreef.

Vroeger werden de bomen en struiken in holle wegen meestal als hakhout beheerd Het hout werd regelmatig gedeeltelijk gekapt omdat men brand- en geriefhout nodig had. We willen de inwoners bewust maken van het waardevolle van de schaarse, nog bestaande holle wegen in hun omgeving.

De meeste holle wegen zijn immers officiële openbare wegen, ook al behoren de bermen soms voor een stuk tot het naastliggende perceel of privé-domein. Dit wil zeggen dat alle werkzaamheden die geen normaal onderhoud zijn, verboden zijn; tenzij hiervoor een ‘individuele ontheffing’ werd verkregen of een stedenbouwkundige vergunning met advies van het Agentschap voor Natuur en Bos van de Vlaamse overheid.

Het wijzigen van het wegdek door het aanbrengen van allerlei verhardingsmateriaal, het graven van een oprit naar een perceel, het verwijderen of vernietigen van vegetatie, … zijn duidelijk géén normale onderhoudswerken.

Een andere wetgeving die van toepassing is op vele holle wegen en andere ‘trage wegen’ (veldwegen, oude kerkwegels, paadjes, …) is de ‘Wet op de Buurtwegen’. Alle officiële buurtwegen zijn aangeduid in de ‘Atlas der Buurtwegen’, die ter inzage ligt bij de gemeenten en de provincie. Deze buurtwegen zijn openbaar: iedereen mag er gebruik van maken en ze mogen ook niet afgesloten worden. Dit geldt ook voor buurtwegen die gelegen zijn op private eigendom!

Het wordt dus een dwingende noodzaak om het dossier ‘Trage Wegen’ in onze gemeente eindelijk eens grondig te inventariseren en toe te zien wat nog kan gered worden. Geef het dossier uit aan een fijngevoelig bureau voor landschaparchitectuur met mensen met kennis van zaken, mensen die de natuur nog met hart en ziel verdedigen en dienen.
Dreven en holle wegen zijn geen crosscountry- of snelheidsparcours, matig dus je snelheid en het stof zal minder opwaaien. Je kent toch die mop van die muis en die olifant die door de woestijn rennen, of niet soms?

Misschien denk je: “met wat moeit de Loathemsche Kleppe zich nu?” Het is simpel: Latem en Deurle liggen hem nauw aan het hart.

Kapitteldreef

De Kapitteldreef, foto Eveline Czerniewski

14:53 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

09-07-10

Sint-Martens-Latem: een beetje nostalgie mag toch?

 

Het is nu niet dat we van Latem en Deurle Bokrijk moesten maken want dat zou utopisch zijn. We hebben hier nu eenmaal niet het ‘limburggevoel’.

Ik kom regelmatig bij vrienden in de Borggravevijverstraat in Hasselt, op een steenworp van Bokrijk. Niet specifiek voor het heerlijke Bokrijk met zijn kruidentuinen en heerlijk groen, hoewel ik er toch niet kan aan weerstaan. Ik geniet dan niet alleen een weekend lang van de sfeer, de geur van de lemen hoeve en de wilde visvijver van mijn gastheer maar ook van de openheid en de minzaamheid van de Hasselaar. De Flanders Nippon, een schitterend golfterrein, waar ook ik een balletje mag slaan, straalt een sfeer van vriendschap uit. Als je na de negen holes van het openbare terrein op het terras van de bar een verfrissing neemt wordt je gekust en geknuffeld alsof je gans je leven al Hasselaar was.

Wij hebben hier inderdaad ‘Les Buttes Blanches’ en ‘La Garenne’, één van de mooiste golfclubs en clubhouses van België. Nu is het de ‘Royal Latem Golf Club’, gesticht door Albert Feyerick - als ik me niet vergis - in 1909. Ik sta steeds weer in bewondering voor de mensen van de groendienst die het domein schitterend verzorgen. Mijn vader, zijn neven en nichten waren er caddie van 1919 tot 1930 en later. Ik meen zelfs te weten dat een van hen, Michel Verschueren, er caddie master was en jammerlijk verdronk toen hij in de poel op zoek ging naar een bal en onwel werd.

Uiteraard moest ik van thuis uit ook ‘stokken gaan dragen’. Ik liep daar rond van 1957 tot 1965 en had het geluk vaak met heerlijke spelers te kunnen optrekken. Van sommige mocht je dan, uit het zicht van de ‘directie’, ook al eens een balletje mee slaan. Dan had je nog wel die onvermijdelijke 9-putspelers waar je veel tijd mee verloor door het zoeken naar de verloren ballen, maar van wie je veel vriendschap had. Dat telt ook!

Ik herinner mij zo voor de vuist weg M. en Mw. Dubois, Mademoiselle Van Hauwaert en een kleurrijk figuur als Meneer Duvivier, die onder de caddies meestal ‘den ouwen duv’ genoemd werd. Hij woonde in de villa op het parcours van ‘den twee’ en had dubbel zoveel slagen nodig als een ander. Bij zijn derde slag (!) op de twee sloeg hij de bal steevast in het strooien dak van zijn villa. Met de tijd mocht ik met de tweede slag de bal zodanig leggen dat ‘het obstakel’ vermeden werd. Het was een heerlijke jeugd met de familie Swaelens en een crème van een caddie master als Aimé Van Hecke. Met het ‘drinkgeld’ dat we daar opstreken en met wat klussen in de St Christophe, de Pêcheur of bij de Lima, kocht ik dan een tweedehandse motorboot en verkoos te gaan spelevaren met mijn liefje in Baarlehoek.  Thuis mochten ze uiteraard niets weten van die speedboot. Die lag veilig bij Maurice en Bertha aan Baarleveer. Toen verwaterde die drang naar de golfclubs helemaal. Muziek, liefde en voetbal kregen de voorkeur.

Pas in 1980 kwamen de clubs weer boven water. Naast het tennissen ging ik af en toe, bij ondergaande zon, een balletje slaan. Voor een ex-caddie kneep men wel een oogje dicht want ik deed amper 4 holes aan en stoorde niemand. In mijn tuin had ik zelfs een ‘green’ aangelegd waar ik naar hartelust kon putten...

Ik vraag me soms af of dat vandaag nog zou kunnen. Latem heeft een zodanige metamorfose ondergaan en de zeden en gewoontes zijn totaal anders.

We kunnen nu wel terecht in Drongen of Puyenbroeck maar het is niet ons vertrouwd terrein.

Maar hebben we als Latemnaar nog ergens vertrouwd terrein buiten onze eigen tuin? Ik weet het, het is kwestie van perceptie en van assertiviteit, maar ik ben nu eenmaal een nostalgicus. Gelukkig is er een opwaardering van de wijk- en straatfeesten. Onze kermissen hebben ook die volkse sfeer verloren. Geen ouderwetse pensenkermis meer, geen haantjeskaarting, hoepelbolling of pitjesbak... Hoewel! Brakelkermis heeft nog zo iets volks.

Nu is er een ‘chillfuif’, een kreeftenfestijn, is er een champagne- en oesterbar. Niet te versmaden, verre van. Die heerlijke kermisgeur hangt echter niet meer in ons dorp. Op 22 augustus is het weer zover: twee weken Latem- en Deurlekermis. We gaan toch nog eens de sfeer opzoeken en wat beeldjes schieten voor de achterkleinkinderen. Toch even degusteren op het terras van ‘De Klokkeput’, de ogen sluiten en terugdenken aan de tijd van Miel en Frans De Cauter, La Belle Hélène, The Cotton City Jazzband, Koen & De Piotto’s en de frisse pinten bij Bakker Claeys. Kwestie van geen heemkundig gat te krijgen in de geschiedenis van de Leiedorpen zijn we het onze nazaten verplicht.

geitenkeuring la belle Helene 1958
Geitenkeuring 1958 - Foto Archief Latem-Deurle

 

 

 

 

 

 

10:45 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-07-10

Ons Loathemsch Woordenboekske es op de reels

We zijme al un hiele puuze bezig mee un woordenlijste te makken mee de woorden dienze ier gebruikteggen in den tijd dan der nog echtige Loatemneers woaren.
Nui es da ier sins joaren un verbassedeerd durp mee inweuners van hiel de planeete. 

Ge moet mai nui nie geluuven moar 't en es nie d'eeviedensse zelve om nog d'echte klanken te vinden. Wemme bijna ollemolle gestudeerd of ons pannenbroek versleten op de scholbanken en kennesse gemakt mee vrienden uit alderhande windstreken en tuurlijk uldren woordenschat en aksent overgepakt. 

Ge moet al weten da Deurles uuk al anders klinkt en dan de wijken Boarl'oek en Brakkel uuk andere klanken brabellen. We doen dan uuk moar un proboasse en oas ge gulder nog woorden of gezegdes vindt, geef ze moar deure!

Noar da't schijnt begint den ABC mee de A, dus ier zijme mee den iesten letter:

 

A

 

Aamer: hamer

Achterien: na elkaar

Achterwoarsterigge: vroedvrouw of iemand die hielp bij thuisbevalling - pejoratief: klapije

Afbustelen: afkloppen – ‘z’en em serjeus afgebusteld’ (een rammeling gegeven)

Àffel:  navel

Àffeseren: vooruitgaan, vorderen

Affrónt:   (ww: affronteren) belediging

Afgank:   diarree, (slecht van afgank = gierig),             vernedering

Afrijzer: glijbaan

Aftrekker: flessenopener

Akse: aandeel, part, soort bijl – ‘in akse schieten: beginnen

Akkrootje: tegenslag, botsing

Alpijn: alpenmuts

Altegoare: allemaal samen, 'tuupe te goare'

Ameldonk, amidon: maïszetmeel gebruikt voor het stijven van witgoed

Andieve: andijvie

Andjuun(s): ajuin(en)

Andjuuntsessausse: ajuinsaus

Annekesnest: troep, aanhang, ongeordende verzameling van allerlei zaken

Antrok (én): succes hebben (bij het andere geslacht)

Appeltrot: appelmoes

Appliek: muurlamp

Arrewar:   tumult, geharrewar ...

Ap: aap. (nen marteko)

Auverech(t)s:omgekeerd

Auwiel: houweel

 


Gasten, ge ziet damme nog nie te veele gevonden én, loat ulder uuren oas 't er iet mis es en geef moar buzze of sajette oas ge kunt elpen!


Peet Damman

 

An Frans 'Peet' Damman, den 'caddy' van Cyriel Buysse un kumme't niemer vroa'en... 


18:46 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

DE LOATHEMSCHE KLEPPE STRIKES BACK!

Bijna twee jaar min een chiclette waren we uit de running wegens een loginfout maar hier zijn we terug en wel met een heel kritisch stuk van blogger en expat Roel Verschueren. Hij verwoordt wat vele gemeentenaren op het hart en de tong ligt maar niet durven uiten.

Ik deed onlangs lukraak een oproep in de gedrukte versie van 'De Loathemsche Kleppe' en ja, zelfs in Wenen hoorden ze de klokken luiden!

 


“Het zou mijn hartenwens zijn moest mijn oude vriend en schrijver Roel Verschueren - criticaster en trendwatcher bij uitstek - dat nu eens als gast in zijn typische stijl en met zijn rijke woordenschat in dit bescheiden blad neerpennen.”

De Kleppe. Eigenlijk spijts spot en cynisme, een uiting van liefde. Ik heb echter altijd een probleem gehad met het dialectdeel, vergt bij mij nog altijd te veel energie. Ik begrijp en waardeer de poging wel, maar het doel schiet mijn linkeroog voorbij. Maar daarom is niet alles wat aan mij voorbijgaat gedoemd om Kleppe te zijn.

Zeven jaar is een mooi getal. Zeven, zweeft zoals negen maar is ronder. Zo lang ben ik uit mijn vorige gemeente weg. Weet je wat zeven jaar met iemand doet?
Die zorgen voor afstand, die verplichten je eerst tot zeven te tellen voor je een antwoord geeft op een vraag over Latem.
Kinderen worden daar zenuwachtig van, van wachten bedoel ik, vooral als het doel niet duidelijk is. Ik ook.
En ik was op zoek naar een doel, naar een aanvaardbare reden waarom ik op de toevallig ontdekte wens van Albert hoe dan ook zou reageren.
Wel, ik zeg het u, omdat Albert het zich gewenst heeft en ik zijn wens op Google gevonden heb. Iemand meer reden nodig?

De afstand tussen Wenen en Latem is precies 1163 kilometer. Als we Michelin mogen geloven is dat exact 10:22 uur rijden, waarvan 9:46 uur op autowegen.
Dat is wat men een ‘goede’ verbinding noemt toch?
Wel, die afstandsberekening kan dan wel kloppen, het gevoel ligt toch wat anders.

Zeven jaren betekenen op mijn leeftijd vooral vergeten wat net voor die zeven jaren is gebeurd. Ik heb geen probleem om me alles te herinneren over de kinderen die naar Sancta Maria werden gebracht en prachtig werden opgevangen. Maar dat is ondertussen 27 jaar geleden.
Ik herinner me nog levendig intense gesprekken met Raf, de enige echte burgervader van de gemeente, alles wat daarna kwam was vaal plagiaat, en dan nog niet noodzakelijk van een even authentisch gehalte.
Ik zag de gemeente veranderen, tot een gemeente zonder dorpskern, en hoeveel traiteurs en delicatessenwinkels hebben mensen nodig?

Ik heb de discussie meegemaakt over de kleur van de luiken van de Klokkeput die de burgemeester niet beviel: Provence blauw paste niet in de dorpskern die hij zelf vernietigde. Groen was zijn kleur, nou ja groen, wat daar in Latem moet voor doorgaan. 
Wandel- en jaagpaden stonden op de agenda, Hooglatem was een heikel punt, rotondes en asfalt stonden ter discussie, wateroverlast zorgde voor een gespeelde solidariteit die enkele seconden de politiek oversteeg.

Ik heb brieven rondgedragen voor de verkiezingen.
Niet voor mezelf, politiek bekijk ik vanaf de zijlijn, zeker als het over de lokale politiek gaat, maar een zeker amusementsgehalte heeft het in Latem altijd wel gehad. Ik heb teksten geschreven voor kandidaten die het zelf wat moeilijk konden verwoorden, en deelgenomen aan politieke vergaderingen van zowel blauw, als groen, als geel, of welke kleur dan ook. Ik heb mijn mening gegeven na eindeloze discussies over een partijlogo, waarover gesproken werd als zou het de wereld veranderen. Ik heb een burgemeester helpen verkiezen die zowel voor als na de verkiezingen met een bevroren brede glimlach de hand schudde van zijn dorpsgenoten zonder hen in de ogen te kijken, want al op weg naar de volgende hand. Ken je dat gevoel? De hand schudden van iemand die je eigenlijk negeert?
Ik ken ook de P.I.T.A’s van Latem. De Pain-in-the-Asses. De mensen die opkomen voor een partij die op voorhand weet dat ze geen kans heeft, maar wel degelijk beseft dat zonder hen niet gekookt kan worden. Deze mensen in de politieke twilight zone, die alleen kunnen overleven door ergens tussenin te vallen. Storende factoren, met niet noodzakelijk de juiste instelling die hun dorp ten goede komt.

Ik mis eigenlijk Astrid. Op de Naschmarkt in Wenen staat ook een vrouw met wat snor, maar die kan aan de onverstoordheid van de eeuwig-open Astrid niet tippen. 

Ik was deelgenoot van het sociale leven, dan vooral op uitnodiging en in kostuum, bij mensen die bij voorbaat wisten dat ze daarna deelgenoot zouden zijn van mijn sociaal leven. Facebook bestond nog niet, netwerken des te meer. Ik heb er rechtstaand leren eten, met een glas bengelend aan mijn bord, ongemakkelijk luisterend naar verhalen. Eten zowel als luisteren doe ik het liefst al zittend, ik gebruik mijn handen als ik discussieer. En hoe wilder de verhalen, hoe beter. Succes was een inherente factor, anders had je geen leven. En we waren schitterend in het elkaar stimuleren, uitdagen en schouderkloppen, dat hoort er nu eenmaal bij, wie gaat naar huis zonder schouderklop?

Ik herinner me de bouwfirma’s die gretig elk stukje vierkante meter bouwgrond kochten en er vervolgens de in oude bakstenen en dito pannen ‘Latemse villa’s’ op dumpten, alsmaar minder betaalbaar, maar de vraag was groot. Mensen met grote titels en zetels in elkaars raden van bestuur namen Latem over, kochten zich een identiteit die de hunne niet was. Inwijkelingen die zich binnen hun sociaal milieu isoleerden van wat het dorp ooit was, maar graag de aura meepikten van het idyllisch verleden. De kunstenaars die het dorp de epigraaf ‘Latemse School’ schonken draaien zich af en toe nog eens om in hun graf. Ik hoor het tot in Wenen.

Ik herinner me ook het elk jaar groter wordend vuurwerk op Latem Kermis, afgeschoten vanaf de geklasseerde overkant van het dorp, en Brakel kermis was ook een must. Zien en gezien worden. Kermis als venster op een wereld van mensen die geen dorpsmensen meer waren, en het nooit wilden worden.

Ik schrijf vandaag vanuit Wenen. Een stad die vele Vlamingen wel mogen. Ik woon in een klein district waar geleefd wordt, open en bloot, met elkaar, waar elk café een dorpscafé is en iedereen, iedereen kent. We helpen mekaar met de kinderen, onze stadskinderen die nog kunnen spelen in de straat, en we loven en ondersteunen elk creatief initiatief, hoe klein het publiek soms ook.

In België krijgen De Standaard en De Tijd online wekelijks mijn columns, als ‘expat’ heet het daar, maar ik ben meer, een ‘expat’ keert ooit terug. Ik ben iemand die beseft dat hij weg is, definitief weg en vanuit een ander perspectief over zijn land mag schrijven. Niet altijd mooi, dat ex land van me, maar het politieke gras is niet altijd groener aan de overkant. Ik schrijf meestal over dingen die me storen, ongeduld en het besef van onrecht groeit met het ouder worden. Vooral blind staren naar vastgeroeste standpunten stoort me het meest. Ik heb leeftijdgenoten die nog altijd dezelfde argumenten gebruiken van dertig jaar geleden. Ik kan me zo’n leven niet voorstellen en ik wil zo’n leven ook niet leiden.
Het zijn zij die lijden, zonder het te beseffen.

Ik weet niet hoe het er vandaag in Latem aan toe gaat. Misschien is alles weer anders. Misschien is het proces dat ik heb meegemaakt gestopt, schrijven de mensen hun voornamen weer in het Vlaams, zoals in hun geboorteakte staat, en gaat het opnieuw over essentie. Ik was de jongste zeven jaar nog drie keer in het dorp, maar dan eerder om er snel een graf te bezoeken, of een moeder die ondertussen ergens anders flink oud wordt. En dan stelde ik vast dat ik het eigenlijk niet miste.
Dat het een noodzakelijke omweg was van hier naar daar en ik bezoeker was, zonder nostalgie.

Op een verleden moet je niet spuwen, je kan het hoogstens relativeren en vaststellen dat als je vooruit kijkt, de nutteloosheid van heimwee ontdekt, de vluchtigheid van de jaren en het weldoende effect van loslaten van wat toen – waarom dan ook –belangrijk was, soms belangrijk scheen. Weemoedig staren naar vroeger, belemmert het zicht op de frisse nieuwe morgen. En die heb ik hoe dan ook, elke dag broodnodig en ik heb geleerd die elke dag opnieuw te beleven.

Roel Verschueren, Wenen, 27 juni 2010 

http://www.verschueren.at

 zaklientse 

Speciaal voor Roel het devies van de echte Latemnaar: horen, zien maar zwijgen...

Een foto van 'zijn' en 'ons' Astrid heeft hij van ons tegoed!

 

16:28 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

31-08-08

AFSCHEID

Totaal onverwacht verdween je uit ons dorpsbeeld. Je straalde en was altijd opgewekt. Je was de steun en toeverlaat van menig Latem- en Deurlenaar. Was het niet voor jouw werk, dan was het voor ons verenigingsleven. Je was regerende 'regina' bij kruisboogmaatschappij Willem Tell en drijvende kracht voor de kruisbooggilde van jouw Paul en zijn vrienden, "Jong wordt Oud". Je hebt jouw last en pijn met fierheid gedragen. Nooit hoorden we je klagen. Jij wist dat je zou gaan en liet ons in de waan dat je spoedig weer tussen ons zou staan.

Hildeke, bedankt voor alles wat je voor ons hebt gedaan. Vindt nu vrede en rust ver van ons vandaan. Voor ons ben je nooit weggegaan...

10:04 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

01-04-08

SNOBISME EN DECADENTIE

 

In de Weekend Knack las ik op 26 maart 2008 een boeiend analytisch themastuk van neo-Latemnaar en gevierd Nederlands auteur, Oscar van de Boogaard met als toepasselijke titel ‘Spot de Snob’.

Het is merkwaardig hoe de Nederlander zo typerend de ‘nieuwe Latemnaar’ – ook al woont hij er zelf pas twee jaar – en het alom in Vlaanderen opstekende snobisme en decadente gedrag schetst. Oscar heeft blijkbaar een grote mensenkennis en is daarenboven een geijkte trendspotter.

Zijn bijdrage deed mij deugd aan het hart. In hem zag ik een gelijkgestemde die dergelijke toestanden openbaar durft hekelen en te kijk stellen.

 

Lezend op het terras van ‘De Klokkeput’ werd ik af en toe afgeleid door het getimmer en gezaag aan de overkant waar men alles in orde bracht voor een nieuwe ‘place to be’:

de Bobar Lounge. Een leuk, klasrijk etablissement dat er veelbelovend uitzag... tot ik het zeezand zag aanrukken dat de plaats moest innemen van mijn ooit geliefde petanquebaan en het groene gras van het gezellige opentuinterras. Deze verkrachting van een vertrouwd dorpsgezicht deed mij dan in mijn pen kruipen. Zoveel wansmaak inspireerde mij, eens in mijn schrijfkamer, tot onderstaand gemijmer:  Al twintig jaar vecht ik tegen de verstedelijking van wat eens een landelijk kunstenaarsdorp was. Tevergeefs. Sinds de jaren tachtig heerst er een bouwwoede die blijkbaar niet af te remmen is. Er zit geen lijn in de ruimtelijke ordening en het stedenbouwkundig beleid, vroeger niet en nu nog steeds niet. Hoe we als bestuur ook trachten van de hoogbouw tegen te gaan en ijveren naar een beter groenbeleid, we slagen er niet in vat te krijgen op projectontwikkelaars en grootgrondbezitters. De steen moet echter niet geworpen naar het beleid op gemeentelijk vlak. Zelfs bij negatief advies blijken de ‘grote’ bouwheren steeds gelijk te halen bij hogere instanties en sta je als gemeentemandataris voor schut.Inzake bouwstijl vind je geen enkele raakpunt of stijl. Waar men in een landelijke gemeente een dito bouwstijl zou verwachten tref je een allegaartje van Amerikaanse bouwtrends naast pastorijwoningen, moderne geometrische blokken en de obligate appartementsgebouwen al dan niet met winkelruimtes.Hoe meer we als bestuur ijveren voor groen en boomaanplant, hoe meer bomen er gerooid worden om er ‘woonreservaten’ neer te poten. Wat erger is, beschermde landschappen, monumenten  en sites worden niet in ere gehouden.Gelukkig is Deurle-dorp nog intact gebleven. Wij doen grote inspanningen om van onze schitterende deelgemeente ‘het mooiste dorp van Vlaanderen’ te maken en dan krijg jij aan de andere zijde van de ‘prochie’ het deksel op je neus.Hoewel geklasseerd, worden de regels gewoon met de voeten getreden.Ik ben helemaal niet vies om onder de luifel van een verwarmd terras van een koffie te genieten, zolang alles binnen de perken van het fatsoen blijft.De middenstand en de horeca doen grote inspanningen en investeringen om het ons zo aangenaam te maken en dat siert hen. Ik ga die uitbater niet met de vinger wijzen, maar als je dergelijke ingrepen doet moet je stevig in je schoenen staan. Hij meent het goeden ik wens hem dan alle succes toe, maar waarom in ’s hemelsnaam een stukje natuurlijk groen omtoveren in een decadent strand aan de Leie? Wat me ook stoort is dat aanmaningen en proces verbalen van een gemachtigd ambtenaar die verbaliseert wegens overtredingen op de wetten van stedenbouw en monumentenzorg gewoon worden genegeerd. Levende hagen in een beschermd dorpsgezicht worden zomaar vervangen door gevlochten riet, het groene gras wordt bedekt met een lading zeezand en onvergundebouwwerken worden zonder blikken of blozen in de vroeger ‘fleurige’ tuin neergepoot.Saint-Tropez in het centrum van Latem. Dit ruikt naar decadentie en daar krijg ik als raadslid geen goed gevoel van. De (voorlopige?) passiviteit van de oppositie maakt me nog alerter en precies daarom wil ik anticiperen. Een strand in de dorpskern van ons dorp? Mens, neem je wagen en rij naar Knokke!Wat men nodig heeft in het dorp? Een eenvoudig dorpscafeetje waar de ‘stapper’, ‘de wielertoerist’ of de ‘bootjestoerist’ een pint of een koffie kan drinken en gezellig kan keuvelen. Het doorgaand autoverkeer naar de dorpskern moet geminimaliseerd worden. Straks sneuvelt de eeuwenoude ‘ezeltjesweide’ voor parkeergelegenheid. Met alle respect voor de horeca en haar bezoekers, maar ik kan dergelijke zaken zeker niet toejuichen, laat staan als raadslid goedkeuren. Waar is het respect voor de gemeentebestuurders gebleven?

13:14 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

27-03-08

EVEN EEN ERNSTIGE MEDEDELING: EINDELIJK MEER GROEN !

Realisatie Parkbos van start

Op vraag van gouverneur André Denys, werd de pers op de hoogte gebracht van een belangrijke en snel te verwezenlijken  landschappelijke ingreep die door heel wat inwoners van de regio Gent, De Pinte en Sint-Martens-Latem, ja gans Oost-Vlaanderen, zal toegejuicht worden. Deze gemeenten worden dan meer dan ooit de 'groene long' tussen Gent en Deinze.

We citeren de gouverneur:

<In het regeerakkoord van de Vlaamse regering staat het verbeteren van de stedelijke leefomgeving middels het realiseren van stadsbossen, opgenomen. Eén van de belangrijkste stadsbosprojecten in Vlaanderen is het 'Parkbos', gelegen op het grondgebied van de Oost-Vlaamse gemeenten De Pinte en Sint Martens-Latem en de stad Gent.

Parkbos wordt grootste bos in bosarm Oost-Vlaanderen
De realisatie van het parkbos is van groot belang voor de stad Gent, de gemeenten De Pinte en Sint-Martens-Latem, maar ook voor de provincie Oost-Vlaanderen. Oost-Vlaanderen is immers, na West-Vlaanderen, de bosarmste provincie van Vlaanderen. Met ca 340ha nieuw bos binnen een afgebakend open ruimtegebied van 1 179ha, wordt het Parkbos het grootste bos van Oost-Vlaanderen.

Het Parkbos betekent voor het groot-stedelijk gebied Gent een vervijfvoudiging van het huidige bosaanbod. Het project is van prioritair belang voor de leefbaarheid van het grootstedelijk gebied Gent en de provincie Oost-Vlaanderen. Maar ook voor Vlaanderen is de realisatie van groot belang: 600 000 nieuwe bomen zouden hiermee worden aangeplant.

Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan (GRUP)
De groenpool Parkbos is uniek in Vlaanderen omwille van de omvang en het multifunctioneel karakter. Op basis van het eind 2005 goedgekeurd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) 'Groenpool Parkbos' wordt een open ruimtegebied van 1 179ha gerealiseerd, met ca 340ha bos, 200ha park- en natuurgebied, 500ha landbouwgrond en ca. 200ha andere functies. Het is de bedoeling dat dit gebied ook ingericht en ontsloten wordt voor wandelaars, fietsers, ruiters, ... Jongeren moeten er ruimte krijgen in speelbossen en wildere natuurterreinen.

Het goedkeuren van het GRUP was een eerste stap in de realisatie van het Parkbos. Hiermee werd de wettelijke stedenbouwkundige basis gelegd voor de inrichting van het gebied.

Projectstructuur - coördinatie door gouverneur
Met de ondertekening van de samenwerkingsovereenkomst tussen de diverse partners start een tweede belangrijke fase, nl. de uitvoering van het project.

Er werd hiervoor een sluitende projectstructuur opgezet. De realisatie van een dergelijk ambitieus project is immers enkel mogelijk dankzij de inzet en samenwerking van diverse overheidsdiensten en besturen. Oost-Vlaams gouverneur André Denys neemt in opdracht van Vlaams minister Hilde Crevits de coördinatie van het project op zich.

De andere partners zijn:

  • het Vlaams gewest
  • de Vlaamse Landmaatschappij
  • de Provincie Oost-Vlaanderen
  • de Stad Gent
  • de gemeente De Pinte
  • de gemeente Sint-Martens-Latem

De samenwerkingsovereenkomst loopt voor 3 jaar. De middelen om de projectcoördinatie van de realisatie in goede banen te leiden, komen jaarlijks voor 80% van het Vlaams gewest en voor 20% van de provincie en de lokale besturen. Het betreft een projectsubsidie voor een strategisch project voor het grootstedelijk gebiedbeleid, afkomstig van Vlaams minister Dirk Van Mechelen. De 80/20-verhouding ziet er als volgt uit: bijna 60 000 EUR van het Vlaams gewest, 5 000 EUR van de provincie en 5 000 EUR van de stad Gent, 2 500 EUR van de gemeente De Pinte en 2 500 EUR van de gemeente Sint-Martens-Latem. Daarnaast maakt het Vlaams gewest, meer bepaald het Agentschap Natuur en Bos, nog eens 75 000 EUR vrij voor de communicatie over het project in het eerste jaar, en telkens 50 000 EUR voor de twee volgende jaren. Jaarlijks betekent dat de projectcoördinatie wordt uitgevoerd met ca. 125 000 EUR aan middelen.

Elk onderdeel op zich vb. aanleggen fietsroute, aanplanten bos, aankopen gronden, wordt gerealiseerd via de reguliere middelen van de verschillende partners.


8 sleutelprojecten
De projectwerking voor de inhoudelijke en procesmatige coördinatie voor de realisatie, beheer en communicatie omvat 8 inhoudelijke projecten:

  1. Grondverwerving via de grondenbank
  2. Bosaanleg als onderdeel van groenpool Parkbos
  3. Mobiliteit en infrastructuur, incl. recreatieve as oude spoorbedding
  4. Duurzame landbouw
  5. Landschappelijke en ecologische structuur
  6. Communicatie
  7. Recreatie en Stedelijke functies
  8. Terreinbeheer en kwaliteitsbewaking voor een samenhangende groenpool met een duidelijk profiel

Toekomstkansen voor jonge landbouwers
Het Parkbosgebied is een open ruimtegebied waar de landbouw een prominente plaats blijft behouden. Een deel van de landbouwgrond wordt omgezet in bosgrond. Voor de resterende 500ha landbouwgrond wordt echter bekeken hoe voor de jongere landbouwers in het gebied maximale bedrijfszekerheid kan worden geboden. Naast de bosontwikkeling, is dit één van de topprioriteiten in de realisatie van het Parkbos. Hiervoor wordt nauw samengewerkt met de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). Dat gebeurt door o.m. het Parkbos te beschouwen als de kern van het ruimere Schelde-Leie landinrichtingsproject, waarbinnen naar mogelijkheden wordt gezocht voor grondverwerving via de grondenbank. 

Oude spoorbedding als recreatieve as en fietsbruggen
Door het gebied loopt een oude spoorbedding van Gent naar De Pinte-station. Dat wordt dé centrale recreatieve as voor fietsers, wandelaars en ruiters. Het is een essentieel onderdeel van het Parkbosproject. Twee fietsbruggen vormen de poort tot het Parkbos: één over de Ringvaart en de R4 en één over de E40. De fietsbruggen zijn nodig om de link te leggen met het stadscentrum (via De Pintelaan). Deze fietsroute met fietsbruggen kan ook in het woon-school en woon-werkverkeer tussen De Pinte en Gent worden ingeschakeld, zeker omdat deze route een veilig, direct en comfortabel alternatief vormt voor de drukke steenwegen N43 en N60. Voor de realisatie van de fietsbruggen wordt naar de nodige middelen gezocht>.

Tijdstabel - Ambitie van realisatie in 5 jaar
Er werd een scherpe tijdstabel opgemaakt voor de realisatie van de groenpool Parkbos. De gouverneur neemt zich voor om tegen eind 2012 het Parkbos maximaal te realiseren. Een pakket tussentijdse realisaties moet zichtbaar zijn vanaf halfweg 2009.

Inlichtingen:

Kabinet van de Gouverneur
Gouvernementstraat 1, 9000 Gent

contactpersoon: Sven Taeldeman
tel. 09 267 80 26

16:16 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

05-08-07

DE KLEPPE ROUWT

De Kleppe heeft met verdriet, maar met dankbaarheid voor het lange samenzijn, afscheid genomen van één van zijn meeste fervente lezers en inspiratiebronnen.

Zoals hij geleefd heeft, is hij vertrokken naar de eeuwigheid: in alle stilte.

'Zijn' eeuw heeft hij net niet gehaald, maar hopelijk vindt hij nu rust in de eeuwigheid.

 

rouwkaartjeweb

 

Hierbij de afscheidsrede van zijn zoon, Berke de Kleppe:

 

Vader, ook al was je bijna 100, het valt altijd moeilijk afscheid te nemen van iemand waar je naar opkeek en die daarenboven nog je eigen vader is.

Jij was de patriarch van de familie. Je regeerde met ijzeren arm en wou altijd het heft in eigen handen houden. Jouw wil was wet. Het was steeds zwart of wit. Hoewel je 45 jaar lang decoratieschilder was kende het leven voor jou geen grijswaarden. Iedereen moest recht door zee. Van de rechte lijn werd nooit straffeloos afgeweken. Eerlijkheid en oprechtheid was steeds jouw motto. Jouw generatiegenoten, die jij aan de eindmeet ver achter jou hield, hebben je steeds geloofd om jouw sociale inzet,  je behulpzaamheid, je vriendschap en je trouw.

Wij, je kinderen, kleinkinderen en petekinderen zijn daar fier op.

Je hebt gans je leven gestreden. Toen je amper 9 was zat je al in het verzet tegen de Duitse bezetter. Je observeerde zijn doen en laten, je saboteerde zijn materiaal en je stal proviand om familie en vrienden te eten te geven. Jij wou geen houtventer of seizoenarbeider worden. De kunstschilders uit Latem en Deurle brachten jou op andere wegen. Schilderkunst op zich was niet jouw ding. Daar was toen niets mee te verdienen en je wist dat je op het veto van moeder zou botsen. Je spaarde op jouw loon en betaalde zelf je avondstudies aan de schildersschool. Je slaagde en kon terugblikken op een carrière van 42 jaar ‘op den ijzerenweg’. Van schilder naar schildersbaas, tot werkopzichter. Een loopbaan om U tegen te zeggen en tijdens dewelke je amper 36 werkdagen door ziekte afwezig bleef.

Toen ik, na een zwaar verkeersongeval, 8 maanden in het ziekenhuis verbleef, stond je iedere avond aan mijn bed, was het in Oostende, Gent of Brussel. Dat alleen al zal in mijn geheugen gegrift blijven.

Toen jouw kleindochter Julie geboren werd, kon jouw geluk niet op. Wij, Eveline en ik, konden steeds op jou en moeder rekenen om bij te springen.

Julie was jouw God en je wou er tot de laatste dag alles voor opofferen.

Toen moeder in 1983 ziek werd, heb je spontaan al jouw hobby’s opgegeven om voor haar te zorgen. Het liep niet van een leien dakje, je sakkerde vaak, maar je deed het toch maar.

Je zorgde voor haar, voor het huishouden en met haar hulp en het kookboek van de KVLV werd je een heuse keukenprins.

13 jaar lang heb je voor haar verzorging alles opgeofferd en plots, 2 dagen voor jullie diamanten bruiloft, was ze er niet meer.

We hadden onze twijfels over hoe je deze slag zou overleven, maar als een krijger ben jij opgestaan en heb je de draad met jouw vrienden weer opgenomen. De duivensport en het kruisboogschieten werden weer een leuke hobby.

Op de vooravond van je 94ste overwon je die vreselijke kanker. Niemand geloofde er in, maar je vocht en won. Niemand gaf jou een kans, maar jij wou op naar de 100.

Je was kwaad toen ik jou in het verzorgingstehuis en rusthuis liet opnemen, maar toch was je er geliefd en prijsde men er zich gelukkig met een man als jij.

Je dolde met het verplegend personeel, je was om geen grap verlegen, je legde een kaartje, je hield eraan ‘de oudjes’ te helpen bij het eten en je deed er jaren de vaat.

 

Drie maand geleden loerde de man met de zeis. Je weerde hem tweemaal af, maar een derde, onverwachte, uithaal werd jou fataal. Op een zucht van je honderdste levensjaar, maaide hij je weg.

Vader, hopelijk heb jij nu rust gevonden. Je was een gul mens en een moedige strijder. Wij zullen jou nooit evenaren, maar weet: je blijft diep in ons hart.

 

 

14:43 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

05-07-07

KLAGERS HEBBEN GEEN NOOD, ZEGT MEN...

 

Wat willen de mensen nog allemaal?

 

Als er één iemand is die tegen het heffen van belastingen is, zal het wel de Kleppe zijn, maar zeg nu zelf, met al die premies, kortingen, gratis beurten en dienstverleningen van gemeente, provincie, overheid en nutsmaatschappijen  die de burger in de schoot geworpen krijgt, moet een gemeentebestuur of hogere instantie toch ergens het geld voor de extraatjes uit de mouw kunnen schudden.

In onze gemeente kunnen we zeker niet klagen. Het containerpark werkt met het ‘diftarsysteem’, so what? De vervuiler betaalt… Hij die het meest afval verwekt betaalt de rekening. Ten andere, de eerste 150 kg zijn gratis. Waarom zijn er dan nog klagers?

De vuilniszakken zijn duurder geworden! De prijs die nu zal betaald worden dekt amper de ophalings- en verwerkingskosten. Les volgen bij ons ‘groene Paula’ is de boodschap. Leer composteren, leer sorteren en laat een kippetje in de tuin kakelen voor de verwerking van het keukenafval. Ik heb zo’n eenzaam beestje ronddrentelen, steeds weer gestoord door drie blaffende, lieve waakhonden en toch is dat beestje gelukkig met wat tafelrestjes en heb ik mijn dagelijks tikkeneike.

We zijn een landelijke gemeente zegt mijn goeie vriend nonkel Bob al dertig jaar. Zo houden, dus. Niet residentieel en niet stedelijk.

De rijkste gemeente van België moet een boerengat blijven! We maken er geen Bokrijk van maar een mooi dorpje in Vlaanderen waar het goed is om toeven.

De rijkste gemeente! Aan mijn hoela!

Die mannen die de statistieken opmaken zijn nog stommer als ik in mijn humanioraperiode. Wiskunde was nooit mijn sterkste, maar mooi en slim is altijd al een utopische combinatie geweest. Hoewel, ik ken er toch een paar. Ik ga nu effen geen namen noemen teneinde geen jaloezie op te wekken.

Gemiddeld netto-inkomen per Latems of Deurels hoofd: bijna 20.000 euro per jaar! Je moet je dan voorstellen dat dit bedrag amper voor 20 % van de plaatselijke bevolking geldt…

Ik zou deze die moeten rondkomen met 950 tot 1200 euro per maand niet durven, noch kunnen uitnodigen op een BBQ! 

Het faillissement zou wenken, mijn gedacht.

Men bespaart tegenwoordig ook al op de bouwgrond. Grote percelen zijn uit de mode en ook haast niet meer voorhanden. Makelaars zoeken nu huisjes op amper 600 tot 800 vierkante meter, gooien ze plat en dan rijzen er appartementsblokken uit de grond met minstens twee verdiepingen, goed voor zes appartementen aan minstens 25 miljoen oude Belgische franken per eenheid. Kunnen jullie rekenen? Ik ben er niet zo straf in, maar ik besef goed dat dit gouden investeringen zijn voor bouwmaatschappijen en vastgoedmakelaars. Juist. Iedereen moet zijn boterham, en liefst met toespijs verdienen, maar het moest verdorie toch eerlijker verdeeld zijn.

Ge zult het me kwalijk nemen, maar met alles wat de burger tracht terug te krijgen van vader staat tot het gemeentebestuur, kan je de belastingen niet blijven laag houden.

Toch bleven ze bij ons voor 2007 onveranderd en was er desondanks geklaag op de banken. Moest de beheerraad van een bedrijf zo toegeeflijk zijn als een gemeentebestuur, ging het bedrijf binnen de kortste keren op de fles.

Rustig evalueren en zien waar we eindigen. Is de balans negatief dan moeten naar mijn bescheiden mening de opcentiemes omhoog. Maar wees gerust. Er wordt hard aan gewerkt en we zullen mosselen roepen als het schip aan wal is, of hoe was die oude spreuk ook weer?  Let the sunshine in, want na al die nattigheid hunkert ook de Kleppe naar een straaltje zon op zijn schouders.

 

 

 

13:48 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

09-05-07

LANGS EEN OMMETJE KOM JE ER OOK...

Het is merkwaardig hoe ons dorp doorkruist wordt door ellenlange fiets- en wandelroutes. Op zich niet zo erg, denk je. Probeer maar eens tijdens het weekend een gezellig terrasje mee te pikken om tijdens een zonnige vrije dag, ‘en famille’ lekker bij te kletsen. Die terrassen floreren van de dagjestoeristen met ingevette billen uit hun kleurrijke fietsbroek stekend of ‘adventurers’ met zware stapschoenen, die een Leffe of Orval komen degusteren op hun rustpunt aan de boorden van de Leie. Ik denk dat ik in Zulte eens ga ‘klappen’ met een brouwer die bereid is een streekbiertje met de naam ‘Loatemsche Kleppe’ te bottelen. Een pittig biertje van hoge gisting met een toch fruitige nadronk. Dat daar nog geen ‘kat’ aan gedacht heeft, zeg! Nen Laetemschen’ als je chauvinistisch wil blijven, maar dan ben je in Deurle verplicht (noblesse oblige) van ‘Nen Deurelschen’ te schenken.

Voor de horeca is al dat gewoel een gouden zaak, maar dat eeuwig probleem blijft bestaan!

Waar vind je verdomme een kaart of wandelplan van Latem. De VVV-Leiestreek krijgt hier geen poot aan de grond. Zelfs geen ‘kerststalleke’ waar vrijwilligers wat uitleg zouden kunnen verschaffen over de streek, de historiek of poepsimpel brochures aan de man kunnen brengen. Heb samen met vrienden al het idee geopperd om een oude mobilhome om te toveren tot ‘rijdend’ toerismekantoor, maar denk je dat iemand van het bestuur daar oor voor heeft?

Ja, over katten gesproken: in mei 2006 deed een dame uit Hooglatem haar beklag over verwilderde katten, de buurt vroeg om snelheidsremmers, de voortuinen werden doorploegd door vuilkar en haastige postmannen… Noppes.

Sinds Hooglatem, niet meer dramatisch onder water kwam te staan, werd dit ‘nieuw aan te snijden gebied’ met geen woord meer genoemd. Rust laten waar rust is, denkt men in ‘het Leiepaleis’

Nu was de ‘kattenpopulatie’ echter dusdanig aangegroeid en veroverde tuinsets, terrassen en prieeltjes op zoek naar voedsel en/of geborgenheid dat er wel degelijk gevaar was voor de bewoners en hun dieren, vertelde een bevriende dierenarts. Probeer maar eens een kat te vangen! Dieren (en zeker verwilderde) zijn slimmer dan mensen. De oplossing kwam er pas toen ik (naïef als ik ben) tussen pot en pint de situatie aanhaalde bij de ex-collega’s van de ‘serieuze pers’. Die mannen moeten tegenwoordig de kleinste weetjes dagdagelijks kwijt aan hun krantenbaas. De wijk, ja het dorp was te klein!

Dan kwam de reactie! Groene Paula keek kwaad in mijn richting, het College was niet tevreden, maar toch kwam er een plaatsbezoek van de ‘opperhoofden’. Of de klachten nu gegrond waren of niet, laat ik in het midden. Mijn honden en ik hadden problemen met de katten en een zestal buren eveneens, dus… De desiderata van de wijk kwamen stuk voor stuk over de tong en wat merkten wij: iedereen zat op dezelfde golflengte. De bevoegde instanties hadden oog en oor voor onze vragen en klachten en wat het belangrijkste was, de bewoners leerden hun buren kennen en dat is belangrijk. Dat was nu ‘mijn’ goal, om het eens uit het Engels te verhalen. De buurtploeg scoort: er komt een speelstraat in de zomervakantie, er komen tijdelijke snelheidsremmers, men is het eens over het bomenbestand en er zijn zelfs plannen voor een zomerse buurtbarbecue, een ‘bring en braai’, waar wie het wil gezellig komt ‘socializen’. Toppunt is dat dit laatste idee van onze Columbiaanse buurman komt, die pas verhuisde naar Leerne en toch in augustus even terugkomt om alles te coördineren! Core, Brigitte, Anne, Monique, Jo, Leo, Geertje, Johan, Norbert, Gilbert… ik ga ze nu niet allemaal vernoemen, de Karel Van Wijnendaelelaan rekent op jullie om ‘het vuur warm te houden’. We zijn goed op weg, nu nog Wim Van Herreweghe aanporren om eens werk te maken van dat in 2005 aangeboorde idee om een beeltenis van de stichter van de Ronde Van Vlaanderen aan de ingang van ‘zijn’ straat neer te planten…

10:24 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

29-01-07

DE RAAD KAN WEER ZETELEN

WE ZIJN GEÏNSTALLEERD!!!!

 

 

De maanden voor de verkiezing waren bloedstollend, hectisch en euforisch te gelijk.

Nonkel Bob had beloofd de volstrekte meerderheid te behalen en was daar verdomd door ervaring en linke trucjes bijna in geslaagd. Hij beloofde zijn achterban 10 zitjes en het werden er acht.

Dat had niemand verwacht. Hij wel…

Zijn stemmenkanonnen waren verdwenen en niet meer in stelling, maar nonkel deed op zijn eentje de balans bijna overhellen. Toen bekend was dat ‘samen’ en ‘vldplus’ de handen in mekaar zouden slaan, was er nog wat heisa, maar uiteindelijk moest iedereen met die ‘vakkneep’ vrede nemen. Politiek wordt nu eenmaal zo gespeeld, ook op lokaal vlak.

De installatievergadering en de daaropvolgende receptie had heel wat sympathisanten naar het gemeentehuis gelokt. Wie gevreesd had voor wat schermutselingen zat er volkomen naast. Alles verliep sereen en vriendschappelijk.

Nonkel Bob kreeg van Proxifredse een eerbetoon om U tegen te zeggen. Het was dag op dag 30 jaar dat Bob in de raad zetelde, waarvan 20 jaar (1980-2000) als burgemeester. De lofbetuigingen omwille van dergelijke inzet voor de gemeenschap en het imago van het dorp waren treffend en welgemeend. Ik keek nonkel recht in de ogen en ontwaarde verbazing en ontroering! De stevige handdruk bij de overhandiging van het geschenk gaven mij rillingen. Ik had die twee mekaar nog nooit de hand zien schudden en toch volg ik reeds sinds 1980 de raadzittingen.

De rest was formaliteit. Eedaflegging, verkiezingen OCMW en daarna de gebruikelijke drink.

Om middernacht moest burgemeester Vanmassenhove de lichten doven anders hadden de aanwezigen de nacht doorgestoken en de gemeentelijke wijnreserve geledigd.

Nu komt het echte werk.

Ik hoorde al geruchten dat ik, geboren en getogen Latemnaar, zou afhaken! Dat is wishful thinking.

Een pijnlijk zitvlak haalt me niet uit mijn zetel en als ik de geest geef zal het in de raadzaal zijn. Mijn batterijen zijn geladen en staan op scherp. Ik heb bij de installatie verklaard dat ik als fractieleider opteer voor een transparante aanpak en voor dialoog met alle fracties. Waar we landen of stranden zien we wel. Dat zijn zorgen voor later.

 

Wat mij de meeste zorgen baart is de papieren versie van ‘De Loatemsche Kleppe’. In principe komt ze eraan na 15 februari, maar ik moet eerst nog overleggen met mijn trouwe sponsors en ook zien of er geen onverenigbaarheid is met mijn titel van ‘fractieleider’.

Voor mij is het geen punt. De dualiteit was er al. Mijn alter ego, Beerke de Kleppe, is kritisch en giftig. Ik ben wel kritisch maar gelukkig nog niet giftig en ik kan de twee figuren goed onder controle houden.

Wees gerust, we werken eraan en naar ik mag hopen, kan en mag de ‘Kleppe’ haar twaalfde jaargang inluiden.

15:25 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

01-11-06

THE WINNER TAKES IT ALL

VERKIEZINGSLEED

 

Het is bedroevend te moeten vaststellen dat de, nochtans geïnteresseerde en geïnformeerde, burger nog steeds het principe van verkiezingen niet onder de knie heeft. Overal waar ik kom krijg ik verwijten naar mijn hoofd omdat de man met de meeste stemmen geen recht heeft om burgemeester te worden. Dàt systeem was in zwang, maar is nooit gestemd geweest in het parlement. Jammer voor Nonkel Bob. Hij heeft nochtans één grote troost: hij was en is de populairste politieker van ons dorp. De manier waarop onderschrijf ik niet volledig, maar toch mag hij fier en in schoonheid genieten van zijn persoonlijke overwinning. ‘Zijn’ lijst, is volgens de analyse van een nochtans anders correct raadslid als deejay Pieter van de Vlaamse kermiskrakers, de populairste, gezien de kandidaten bijna allen meer stemmen haalden dan die verkozen op andere lijsten. Pieter, dan moet je er ook bij vertellen dat de oorzaak daarvan een kadaverdiscipline is bij de ‘Welzijn kiezers’, die het maximaal aantal bolletjes inkleurden. Het Imperialisysteem zorgt er dan verder voor dat de zetelverdeling volgens de regels van de kunst geschiedt. Ik kreeg jouw mailtje een tiental keren in mijn mailbox en zie dat je jouw kiezers en sympathisanten niet op een correcte manier informeert en dat siert jou niet. Zo bén je niet!

Dat de (nieuwe) coalitie enkele bekwame mensen naar de oppositie stuurde, ligt niet aan de ‘tegenstander’. Waarschijnlijk moeten jullie eens op eigen borst kloppen en zien of jullie de besprekingen wel diplomatisch gevoerd hebben.

Ik weet dat het vijgen na Pasen zijn en dat het jullie niks oplevert, maar wees overtuigd dat ik respect blijf hebben voor de meeste mensen van jullie fractie. Ook al ben ik de laatste in de ‘top 30’…

Ik ben bedroefd dat ik als Latemnaar, behorend tot de nieuwe meerderheid, met een scheef oog bekeken word, maar blijkbaar zal ik er moeten leren mee leven enkele vrienden te hebben verloren. Tijd heelt de wonden, zeg men. Laat ons hopen dat dit klopt, want ons dorp is te mooi en te klein om mekaar in de haren te vliegen. We kunnen samen 100 % voor Latem-Deurle en het welzijn zorgen…

 

20:06 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

30-09-06

IS LATEM NIET RIJP VOOR SATIRE?

Ik heb zo lichtelijk de indruk dat de verkiezingskoorts dusdanig gestegen is dat men zich op de Sinksenfoor waant waar men vijfmaal mag gooien voor 50 eurocent. Een ding besef ik ook: zelfs hooggeschoolden hebben geen kaas gegeten van satire en voelen zich konstant persoonlijk aangevallen. Ik ben nu aan de 11de jaargang toe en aan het 44ste nummer van De Loatemsche Kleppe.

Ware het niet dat ik honderden schouderklopjes kreeg op amper een vijftal negatieve reacties, had ik er sinds lang de brui aangegeven. Dat de Kleppe, net voor 8 oktober, nogal politiek getint is, geef ik grif toe. De indianenverhalen die in onze dorpen de ronde doen lenen er zich toe. Soms trap je al eens tegen het zere been, of raak je een kwetsbare achillespees, maar wie kan het je kwalijk nemen als je jouw eigen mening uit op een ludieke, satirische manier? We hadden vroeger 'De Roste Wasser', 'Toone De Plekker', ja zelfs onze eigenste Jan D'Haese, die eens venijnig konden uithalen, maar ik meen te begrijpen dat dit in een lokaal blad niet kan, maar enkel 'elitair' voer is voor gevestigde kranten en magazines. Ik hou van het dorpsleven en de onvermijdelijke roddels. Dat is folklore. Of je nu in een chique villa of loft woont of je tevreden moet stellen met een eenvoudig optrekje, net als ik, het doet er niet toe. Ook hoe je het verworven hebt is helemaal mijn zaak niet. Ik voel mij bij iedereen thuis die sympathiek is en het meent met Latem en Deurle. Welke kleur of overtuiging je hebt kan mij geen barst schelen. Iedereen doet wat hij doet. De inborst telt!  De mensen moeten leren relativeren en hun soms te lange tenen eens een beetje intrekken.  De koorts zal mettertijd wel zakken...

11:35 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

13-09-06

DE JAAGPADEN ZIJN OOK MIJN STOKPAARDJE

Hieronder een brief van mijn goeie vriend Michel Flamme, estheet en natuurliefhebber. Ik erger mij evenzeer over het verdwijnen van de jaag- of trekpaden langs de Leie, waar ik van 1960 tot 1968 heerlijke jeugdjaren heb gehad. Mijn bootje bij Bertha Oosterlinck, eentje bij Brigitte en een ander bij Martine, Brigitte en Michel en aan de kant van 'Keuze' bij Linda en Dirk en een zware speedy bij Marcelleke Tuborg... Heimwee krijg je ervan...

Hier komt een brok ergernis van een vriend:

 

Dag Albert,

 

Inderdaad, de Kleppe gelezen. Je vraagt om feed-back. Hier komt ze.

Er is één puntje (er zijn er natuurlijk veel meer maar die zijn voor een andere keer) dat me stoort in ons dorp aan de Leiebocht.

Ik ben een hartstochtelijk fietser en als de  conditie wat meezit ook een fervent jogger.

Niets boven zachtjes bollen langs de Leieoevers of flaneren langs de waterkant.

 

Helaas, driewerf helaas, dit is totaal onmogelijk in het Leiedorp bij uitstek.

De oevers zijn privé, zij dienen enkel als decor voor exclusieve barbecues en het ruisend riet gedijt enkel in champagne.

Aan het gemeentehuis is er een gaatje (de stijger) en aan het veer van de Baarle-Frankrijkstraat, daarmee moet het vulgum plebs het maar doen. Voor het overige is de Leie totaal onzichtbaar in onze gemeente.

Om de Leie te zien moet je op grondgebied Gent of Deinze zijn, daar zijn prachtige wandel- en fietspaden over quasi de volledige lengte.

Sint-Martens-Latem is hiermee een buitenbeentje. Doodsbang voor het grote geld dat zich op de oevers heeft genesteld bibberenze in het gemeentehuis al jaren. Wat elders geen probleem geeft kan hier niet.

Wettelijk is de oever openbaar domein.

 

Gelukkig zijn er geen Leieschilders meer in Latem, ze zouden technisch werkloos zijn, tenware zij, op de stijger gezeten, steeds weer opnieuw en ten treure toe ons mooi gemeentehuis zouden schilderen.

Of was dat misschien iemands verborgen bedoeling?

Ik maak mij geen enkele illusie voor het volgend bestuur, wie er ook de sjerp krijgt, de Leie blijft privé.

 

Graag had ik hierover de mening van de kandidaten gehoord.

Intussen ga ik wat fietsen en om het met Arsène Weba te zeggen, in Gent of in Deinze.

 

vele groeten,

Michel Flamme

 

 

20:29 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

'T MOE GEDOAN ZIJN MEE NEUTEN!

Merkwaardig hoe verkiezingen de mensen zo kunnen beïnvloeden! Jaar en dag kom je samen, tafel je samen, ga je samen op stap in alle vriendschap en jovialiteit, maar als de ‘strijd’ begint zit je mekaar in de haren. Plots wordt er ‘gestenigd’ dat het een lust is en de ene zou de andere met haar en huid oppeuzelen. Dat allemaal voor een zitje rond de tafel der ‘notabelen’. De aanhang wordt kregelig en balorig en gaat met mekaar haast op de vuist.

Ik trek mij van al dat gedoe geen bal aan. Woon je in Latem of Deurle en ben je positief ingesteld, dan heb je mij als vriend. Heb je assertiviteitsproblemen dan moet daar dringend aan gewerkt worden. Wij, mandatarissen, hebben allen hetzelfde doel: een gemeente runnen als een manager, maar laat het dan wel zijn met affiniteiten naar de faam en naam die onze voorvaderen ons geschonken hebben.

 

Laten we ons dorp in ere houden en werken voor de mensen die er wonen.

Als Latemnaar heb ik het voordeel dat ik de mentaliteit van mijn voorzaten blijf hanteren:

luisteren wat een ander te vertellen heeft, zijn verhaal weerleggen of toegeven dat hij gelijk heeft en er mijn les uit leren.  Dat mijn alter ego een polemieker is, kan ik niet verhelpen. Bèrke de Kleppe strooit vaak zout in de wonde, maar weet verdomd goed waarover hij spreekt. Dit is gewoon ervaring en – laat het ons verwoorden als – dossierkennis of beter nog, weten wie jouw Pappenheimers zijn. Ik wil vreedzaam leven in het dorp waar ik geboren ben, waar ik opgroeide en waar ik nog steeds thuis ben.

Kortom, welke lijst het ook weze, ze mag maar één doel hebben: elkeen het licht in de ogen gunnen en werken voor een comfortabel en goed gevoel voor ALLE inwoners.

Aan egotrippers en demagogen heb ik steeds een hekel gehad. Ik heb een band met Latem en Deurle, zoals paracommando’s hebben met mekaar en die band is onlosmakelijk.

Ik kreeg trouwens een schitterende brief van geestesgenoot en kunstenaar, Michel Flamme. Binnenkort komt de inhoud (ongekuist) online en ik hoop dat er heel wat reacties op binnenlopen. Hou het kopje fris!

10:57 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

17-08-06

DE VOORSTAD GROEIT

DORPSPOLITIEK: opportunisme, roddels en geld

 

De Standaard, de kwaliteitskrant van Vlaanderen, heeft haar Nederlandse economiespecialist Ruben Mooijman naar het kleine Leiedorpje gestuurd om een analyse te maken van de heersende dorpspolitiek. Als Nederlander kon de competente economist natuurlijk onmiddellijk terecht bij een man die de Nederlandse manier van wonen, leven en denken op een gouden dienblaadje brengt, ‘geretraiteerd’ (om een Latemse term te gebruiken) hoogleraar Bob Van Hooland, ex-burgemeester van Sint-Martens-Latem.

Waar je van Ruben een schitterend stuk zou verwachten over bestuurskunde, economische welstand, levensstijl en cultuur in – wat hij noemt – het rijkste dorp van Vlaanderen, werd het een hoogstaande cursus moddergooien, waarin hijzelf jammer genoeg als modderfiguur uitkomt. Jammer voor al dat verspild talent.

Het lijkt mij als journalist, Latemkenner en gemeenteraadslid duidelijk dat de brave jongen hier misbruikt werd als ghostwriter voor lijsttrekker Bob Van Hooland en aldus diens campagne (?) moest op gang trekken.

Het is gevaarlijk je te laten leiden door mensen die wrok hebben tegen alles wat niet uit hun koker komt en gefrustreerd blijven omdat ze na jaren aan het bestuur te zijn geweest, plots de duimen moeten leggen voor een nieuwe meerderheid. Die meerderheidswissel kon er al zes jaar eerder geweest zijn en Bob wist de bui hangen.

Het zij zo. Als je met modder wil gooien moet je raak gooien en niet naast de kwestie praten. Zeker niet als je zelf het zinkend schip hebt verlaten met... lijken aan boord. Is het niet, Bob?

Als onderzoeksjournalist ga je dieper en pluis je de dossiers tot op de bodem uit of anders ga je beter voor een pulpkrant werken waar ethiek niet op de eerste plaats komt.

De klucht in De Standaard doet mij denken aan een journalistieke bijdrage die onze Vlaamse Karel Van de Woestijne op 23 oktober 1907 pende voor een Nederlandse courant. Het stukje staat in het tweede deel van het ‘Verzameld Journalistiek Werk’ van onze Karel en verscheen in 1986 bij het Cultureel Documentatiecentrum Gent op bladzijde 169, onder de titel ‘Verkiezing op het Dorp’.

De inhoud is ongeveer dezelfde, alleen veel waardiger en subtieler. Karel was dan ook een integer journalist.

Ik ga er verder niet over uitwijden, maar het loont de moeite om het op te zoeken en van een aardig stukje literaire journalistiek te genieten.

Wat ‘De Voorstad Groeit’ betreft, verkies ik het boek van mijn goede vriend Louis, met wie ik als broekje dikwijls in het treinstel (den boemel) naar Aalst, gegrapt heb en over vrouwelijke vormen filosofeerde.

Jammer dat DS zich tot zulke labiele, zwak onderbouwde themastukken leent.

Een goede oefening zou zijn dat collega Mooijman zich eens zelf op de dossiers gooit en zijn persoonlijke versie van de aantijgingen, intriges en ‘vuilpraterij’ op een objectieve wijze naar zijn lezers brengt Het zou een heel ander beeld brengen over wat Professor Van Hooland ‘Het DNA van het dorp’ noemt. De inwoner en de kiezer hebben toch recht op de waarheid, niet waar Ruben?

10:27 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |

20-07-06

ZOMERSE BEDENKINGEN OF IS HET STILTE VOOR DE STORM

 RUST?

 

Sinds 15 juli is alles rustig in ons dorp. Geen risico om van de baan gedrumd te worden door een of andere breeduitgevallen laagvlieger. Iedereen is gepakt door de warmte of is naar het buitenland gevlucht. De meeste winkels zijn dicht. Alleen quads, jonge Schumachertjes met opgefokte kleine bolides en horden fietsers of strompelende wandelaars hinderen het doorgaand verkeer... als dat er al is.

Als ons Astrid nu slim is en de stekker van de koeltoog en frisdrankkast in de contactdoos stopt, kan ze poen scheppen dat het een lust heeft. Daar weegt het argument van dure energierekeningen niet tegenop! Dorstigen laven is een van de heerlijkste werken van barmachtigheid (of was het nu barmhartigheid?) en kan voor de kleine middenstander uiterst lucratief zijn. De laatste tijd is Astrid er echter met haar gedachten niet bij. Zou het kunnen dat ze op vrijersvoeten is? Ik heb namelijk gemerkt dat de winkeldeur af en toe slotvast is en dat is niet haar gewone doen. Haar spaarzaamheid inzake electriciteitsgebruik doet me vaak terugdenken aan mijn ‘tante klokke’, Rachelleke van Café Bachtenberge. Voor de rest zijn er weinig raakpunten, tenzij het feit dat ook zij een echt volksfiguur was. Rachel was echter maniakaal bezig met stofdoek, emmer en dweil want ze was allergisch aan stof en janboel. Daarom ook dat ’s winters haar kolenvuur op een laag pitje brandde. Kolen gaven stof en stof gaf werk. Dat de kaarters van de zondagmorgen met verkleumde vingers en een druipneus de tafels vulden, deerde haar niet, dat dreef alleen maar het verbruik van de jenever de hoogte in.

Rachel was tevens een schichtig figuur. Je stond versteld hoe kwik ze – zelfs op hoge leeftijd – haar klanten bestelde en honderd keer de keldertrap op en af liep om een kelderfris biertje te halen, want een frigo was niet haar ding. Zo’n spul verkwanselde de smaak en kwaliteit van het gerstennat. Of was het een fabel om een koelkast buiten te houden?

Bij Astrid is die kwikheid anders. Als je daar winkelt moet je tijd hebben. Zij is duidelijk voor onthaasting. Nu mij deert dat niet. Ik doe gewoon een ‘klapke’ met de andere klanten, die eveneens tot wachten gedoemd zijn. Leuk. Op die manier hoor je dingen die je anders nooit zou te horen krijgen en kan je als ‘plaatselijk politicus’ een beetje aan dienstbetoon doen.

Het is merkwaardig dat mensen geen geduld meer hebben. Hoewel ik van binnen een echte zenuwpees ben, kan ik dat in sommige omstandigheden goed kamoefleren. Alleen tijdens gemeenteraden kan ik mij ergeren als sommige hardleerse collegae oeverloos gaan discussiëren of steeds weer in herhaling vallen. Dan krijg ik het op de heupen. Ik krijg dan zin om de plaats van de voorzitter in te nemen en op tafel te hameren om de discussie af te ronden. Zinloze, demagogische discussies met zuiver politieke bedoelingen jagen mij in de gordijnen. Bij Astrid heb ik dat niet. Ik benijd vaak Prosper, die vanachter het hoekje, de mensen kan observeren en een oogje in het zeil houdt. Beter dan een bewakingscamera en een aansprekingspunt voor de kalmere periodes.

Zo vernam ik heel toevallig dat Latem binnenkort weer een monument armer gaat worden. Het trof mij diep in het hart. De plaats waar mijn pril (nu ja, pril) uitgangsleven zich afspeelde, waar ik danste dat het een lust was, menig meisje versierde of mijn liefdesverdriet verdronk, gaat plaatsruimen voor een meubelzaak. Ik wist niet wat ik hoorde. Ik wil het nog altijd niet geloven: ’t Pompierke gaat dicht! Ik moet Paula en Luc dringend interpelleren. Het mag niet zijn dat de tempel waar ik de voorloper van John Travolta was, maar waar ik ook met moeder en de tantes ijsjes kwam eten, zomaar in rook opgaat!

Monumenten zijn hier blijkbaar gedoemd om te verdwijnen.

Als ik zo op zaterdagmorgen mijn babbeltje ga doen met Mielke en Julia Sonnaert, Rafke Verkerken en andere Brakelse figuren, sta ik soms verstomd van de verhalen die ik hoor over ons oude Latem. Wat is er hier aan heemkundige, volkse rijkdom verkwanseld in de vorige eeuw!

Ik dacht een Latemkenner te zijn, maar wat heb ik de laatste maanden aan volkswijsheid opgestoken!

Nu de zon en de vakantie er zijn, probeer ik alles te assimileren, netjes te ordenen en neer te pennen als een volleerd kroniekeur. In de koelte van mijn schrijfkamertje verwerk ik alle wijsheden en bereid ik me voor op de storm: 8 oktober 2006, maar dat is voor de volgende keer. Als ik daar nu reeds aan begin, heb ik mijn kruit verschoten voor de verkiezingscampagne goed van start gaat... Geniet van zon, bier en wijn!

11:52 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

06-06-06

MAYDAY 06-06-06

Hoe meer ik pleit voor toenadering en openheid tussen de gewone en de gegoede burger, hoe verder ze uit elkaar gedreven worden. Meer sociale controle zou het veiligheidsgevoel ten goede komen.Maar, zelfs het gemeentebestuur gaat de creatie van nog meer reservaten in de hand werken door het plaatsen van slagbomen aan sommige dreven, die ooit een zegen waren voor de zachte weggebruiker, maar nu door zware bolides en motoren geterroriseerd en vernield worden door onverantwoord rijgedrag, eigen aan dit tijdperk.

Inbrekers, carjackers of homejackers zijn zo inventief dat deze preventieve nepmiddelen geen enkel nut hebben, noch een grotere bescherming bieden. Mijns inziens wekt dergelijke aanpak het onveiligheidsgevoel alleen maar op. Sociale controle is de beste manier om een gezonde veiligheid te bekomen. Het probleem is echter dat de burger uit de 21ste eeuw steeds meer hamert op privacy en afzondering. Nu heb je nog weinig ‘oudjes’ die achter de ‘splete van ulder gordijnen’ – zoals Walter De Buck – het zingt, alles gezien hebben wat er in de straat gebeurd. Ze zitten niet meer aan het venster, maar kijken kassie... Waar je vroeger de mensen aan hun voorgevel zag zitten om met elkaar en de voorbijganger een praatje te slaan, zit eenieder nu achter zijn hoge afsluiting, in het ‘stulpje’ binnen zijn domein, zich onledig te houden met soap-seeing, internetten, eenzaam een boek te lezen of, in de chicste gevallen, banen te trekken in zijn al dan niet overdekt zwembad.

Wat er in de buurt gebeurt is gewoon ‘de ver van mijn bed show’.

Let op, ik pleit niet onschuldig. Laatst zat ik in mijn bureau een recensie te schrijven, het rock’n roll repertoire keiluid uit de boxen spuiend. Amper 80 meter verder waren de hulpdiensten 2 uur vruchteloos bezig om de buurvrouw te reanimeren. Twee dagen later kwam ik pas te weten dat het brave mensje niet meer onder ons was. Ik schaamde mij dat ik niet gemerkt had dat er iets aan de hand was en dat ik mij geen vragen stelde waarom ze de volgende morgen – als gebruikelijk – niet in de tuin aan ’t scharrelen was.

Zijn wij, mensen, nu allemaal eenzaten en egoïsten geworden? Is die teamgeest of liever die dorpsgeest volledig aan het wegebben? Ik ben niet te bekakt om toe te geven dat ook ik fouten maak.

We moeten echt terug naar meer samenhorigheid binnen onze leefgemeenschap. Het sociaal contact moet opnieuw opflakkeren en we moeten, rijk en arm, elkaar de hand reiken om alzo tot een betere maatschappij te groeien. Die kloof moet gedicht worden voor het te laat is.

Denk er eens over na en spui je feedback maar gerust in mijn mailbox!

18:06 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

19-04-06

DE LENTEKLEPPE WORDT TOCH FLINK GELEZEN!

Eigenlijk zou ik mij momenteel écht met andere dingen moeten bezig houden, maar ik kon toch niet nalaten om mij weer even in mijn zetel te installeren om de nieuwste Kleppe met veel aandacht te lezen. Ik begin van langsom beter te begrijpen waarom de Latemse en Deurlese gemeenschap aan dit satirische, maar vaak o zo indringende periodiekje gehecht is en wat voor een dankbare uitlaatklep dit blaadje voor jou moet zijn.Je website zegt het: jij bent als rebel maar vooral ook als chroniqueur geboren, en moet wat om je heen gebeurt en wat je bezig houdt op de één of andere manier met de mensen om je heen kunnen delen. Ik ken dat gevoel maar al te goed, want ik heb dat ook. Van dat hout sneed men vroeger volksschrijvers en krantencorrespondenten. Het is echter een ras dat aan het uitsterven is. De moderne media moeten het te veel hebben van turbosnelheid, efficiëntie en sensatie en bieden geen ruimte meer aan mensen die eens achterover durven leunen en het wereldgebeuren doordacht en vanop een afstand eens tegen het licht van de geschiedenis en de gangbare normen durven houden.Jouw Kleppe, en jijzelf in de eerste plaats, durven dit wel en doen dit met brio. Dat moet ik als be­voor­rechte getuige, die alles met nog meer afstand tracht te volgen en benaderen, deemoedig toegeven. Op de 20 jaar dat ik met nieuwsgierige blikken in jullie twee mooie Leiedorpen rondloop, heb ik ze ook zien veranderen. En echt niet ten goede, hoor. Daarom begrijp ik dat het voor iemand die er geboren en getogen is, en betere tijden heeft gekend, pijn moet doen om wat knus en mooi was te zien ver­dwij­nen en de samenhorigheid die er heerste plaats te zien maken voor onverschilligheid en steeds grotere verzuring. Met welk gevoel, denk je, waar ik soms in mijn eigen dorp De Pinte rond?Je jongste Kleppe straalt dit keer wel extra veel nostalgie uit; Daar zal je actieve betrokkenheid bij jullie nieuwe Latemse vriendenclubje wel voor een stuk verantwoordelijk voor zijn. Het zal anderzijds ook wel wat met de vorderende leeftijd te maken hebben, vrees ik. Eeuwig leven is niemand van ons gegeven en als je eens deftig achterom durft blikken, merk je dat er zoveel is dat je voor de komende generaties – of zelfs voor de eeuwigheid – zou willen vastleggen, maar waarvan je als het wat tegenzit niet de helft meer waar kunt maken. Misschien is dat ook wel de reden dat je in 2000 weer actief aan politiek bent gaan doen en daarmee na oktober niet zomaar zult kunnen stoppen. Persoonlijk vind ik dit niet de ideale manier om dingen te verwezenlijken – omdat je in het politieke bedrijf te veel schijn­heiligheid moet ondergaan en te veel toegevingen moet doen – maar ik ben wel zo intelligent om te begrijpen dat je zonder actief je nek uit te steken in grote theorieën en filosofische beschouwingen blijft steken en daadwerkelijk niets verandert.Als je mij zou vragen: moet ik blijven mikken op een politiek mandaat, denk ik dat ik toch “ja” zou durven antwoorden. Je moet het echter met je volle verstand en je volle goesting blijven doen. Anders heeft het geen zin. Weet echter ook dat ik het persoonlijk minder belangrijk vind dat je daar in de politieke arena naast je alwetende dikke vriend-fractieleider met schepenambities blijft zitten dan dat je de gewone Latem- en Deurlenaars, onder meer via je Kleppe, een geweten blijft schoppen en wakker weet te houden voor het lot en de toekomst van de gemeenschap waarin ze leven.

André Vlerick

12:51 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

18-04-06

ZEKER GEEN SCHEVE SCHAATS, zegt Kristof

Schepen Van Den Berghe (CD&V/DL) was verbaasd dat ik hem in de jongste editie van De Loatemsche Kleppe verweet een scheve schaats te hebben gereden. Eerder had hij in de serieuze pers verklaard de huidige coalitie te willen verderzetten in de komende legislatuur, maar thans fuseert zijn fractie met de nieuwe groep, SAMEN. De Kleppe is er om te dialogeren en daarom wil ik u zijn reactie niet onthouden. Ik vroeg hem of hij bezwaren had in publicatie op de weblog. Die had hij niet, dus hier komt ze ongecensureerd:

Albert, heb de Kleppe met interesse en een glimlach op het gezicht gelezen. Ik heb weer heel wat bijgeleerd over Latem en zijn geschiedenis. Bedankt!!!Graag een vraagje over de huidige actualiteit: dat van die scheve schaats van de coalitiepartner begrijp ik niet goed. Wij hebben de coalitie, laat staan Freddy, toch niet in de steek gelaten. Het coalitie-akkoord wordt in loyauteit uitgevoerd, net zoals dit de voorbije 5 jaar ook gebeurd is. Dit zal ook verder gebeuren de volgende maanden, en wie weet erna ook opnieuw.Wat wij gedaan hebben, is nagedacht in welke vorm we best aan de volgende verkiezingen zouden deelnemen. We zijn daartoe uitgenodigd door 4 mensen uit de VLD- en de Welzijn-fractie. Uit de intensieve gesprekken die daaruit gevolgd zijn, is de conclusie getrokken dat we ons in die groep goed zouden thuisvoelen aangezien het programma en de doelstellingen voor bijna 100% identiek zijn. Het ideeëngoed van CD&V-DL hoort thuis in SAMEN. Anderen hebben geoordeeld dat ze zich niet thuis zouden voelen in die groep. Geen probleem, we leven in een vrij land - ieder zijn overtuiging. Gaat het daarbij om de postjes en de mandaten? Langs geen kanten!! Ik weet wat het is. Schepen, laat staan burgemester zijn, is geen cadeau. In die zin alle respect voor Freddy!! Zo'n mandaat opnemen is een opdracht, een verantwoordelijkheid. Ik doe het graag en zal het graag verder doen, maar als het niet zo is of het is beter voor de groep en de evenwichten dat het aan iemand anders is, dan is het zo. Er zijn nog zoveel andere mooie opdrachten in onze dorpen.CD&V-DL, Bea en ikzelf hebben gekozen voor een project, voor een groep waarin ideeën uit alle huidige fracties werden samengebracht om het beste eruit te halen. Dat is niet voor of tegen iemand. Dit is VOOR Latem en Deurle. En als het nu niet mogelijk was om rond dit idee een grote(re) groep te vormen, kunnen we dit na 8 oktober nog eens proberen. Onze gemeente is te belangrijk om dit te laten mislukken omwille van (vermeende) ambities, sjerpen en dergelijke... Mocht ge dat kunnen zien in de bol van Madame Soleil, 'k zou enorm opgelucht zijn.

Hopend op een verdere goede samenwerking, bel of mail me maar.
Ik zie ernaar uit.
Kristof

19:51 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

25-03-06

EEN KAT VINDT ER HAAR JONGEN NIET MEER!

Nu we gestart zijn met een clubje échte Latemnaars, mensen met zin voor realiteit maar toch met nostalgische trekjes naar vroeger, komt meer en meer tot uiting dat Latem het knusse, landelijke dorp van eertijds, begraven is en nog een schim van wat de cultuurhistorie vertelt. 'Den Laethemsen Vriendenkring' telt, 2 maand na oprichting, reeds een zestigtal actieve leden. Velen onder hen hebben hun geboortegrond noodgedwongen verlaten, maar hunkeren nog steeds naar het Latem van hun jeugd.Elke tweede dinsdag van de maand komen ze samen om tussen pot en pint herinneringen op te rakelen. De sfeer is uitbundig. Terwijl een 'werkgroep' zich buigt over het thema van de maand, wisselen de anderen herinneringen uit en spreken af om samen Latem te 'verkennen'. De eerste wandeling was echter een uitstap met enorme verbazing en gelaten ontgoocheling. In deze jungle van reservaten, overmaatse behuizing, schreeuwlelijke appartementsblokken met de obligate (dure) winkelruimtes op het gelijkvloers en de verdwenen landmerken, zou een kat haar jongen niet meer terugvinden. De aantrekkelijkheid van het landelijke is weg. Toch hunkeren de meeste naar een lapje grond of een optrekje in 'hun' gemeente. Wat hen tegenhoudt? Het exeburante prijskaartje. Hun dorp 'evolueerde' of om het anders te stellen, 'devalueerde' naar een stadje waar mooie en lelijke behuizingen vreedzaam naast mekaar staan. Sommige oud-Latemnaars noemen het stedenbouwkundige misvattingen, maar ruimtelijke ordening is ook nooit een troef geweest bij de bestuurders. Laat Latem Latem en Deurle Deurle is een slogan die in de huidige situatie voorbijgestreefd is. Maak Latem weer Latem en Deurle weer Deurle... Mocht dat nog kunnen! Wat doe je eraan? Inderdaad, berusten en iedere tweede dinsdag van de maand de vrienden van vroeger koesteren. Gezelligheid en oprechte vriendschap troef, meer moet dat niet zijn.Wie voor 1965 in Latem geboren werd of er toen woonde is welkom. Wie informatie wil kan terecht op het secretariaat, campevents@telenet.be of een belletje geven op 09 282 72 53.

14:13 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

03-02-06

RARE SJARELS

Die Latemse liberalen zijn toch rare sjarels. Reeds 175 jaar vechten ze om het in de gemeente voor het zeggen te hebben. Nu zijn ze er nog maar pas in geslaagd om de touwtjes in handen te nemen en op het einde van de legislatuur slagen ze erin om een minisplitje te veroorzaken. Ge zoudt er verdomme blauw van uitslaan.In de jaren 50 was het Odilon Beernaert die solo ging en zijn 'broeders' Van Kwikelberge en Van Wassenhove in het zand liet bijten. In de jaren zestig vonden Albert Van Gheluwe en Pierre Abbeloos het nodig om elk met een blauwe lijst op te komen en 't spel was weer om zeep. In 1976 kon de 'Centrumlijst' de meubels redden en weer zetelwinst pakken. Dan stagneerde het zowat, hoewel Armand Vermeulen door een dom 'spelersblad' (hij was toch de erevoorzitter van FC Latem) op een zucht naast de burgemeestersjerp greep. Ik had het hem nochtans gegund want met André De Meyer, Armand De Greve en Paul Santens had hij verdomd hard gewerkt om de liberalen meer glans te geven. Enfin in 2000 graaide zijn poulain Fredje Vanmassenhove met gretige handen het gegeerde kleinood, maar schijnbaar glijdt het na amper zes jaar naar beneden door gebrek aan 'buik'.Een neutrale lijst, boven alle partijpolitiek, is voor een gemeente als Latem zeker een haalbare kaart, ware het niet dat de politieke zuilen persoonlijk willen scoren en het resultaat van hun lokale mandatarissen wil neerschrijven in hun prognoses voor 2007. Zou niet mogen opgedrongen worden, maar dergelijke stelling van de grote bonzen impliceert een grotere inzet van regio politici en als Fredje zijn buik niet zal uitsteken, zal de driekleurige sjerp op zijn schoenen glijden en waar eindigen we dan? De verzuiling heeft al heel wat kapot gemaakt of niet?Gegroet, de kritische Kleppe

16:25 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

02-02-06

WINTERBLUES

Waarde, gepassioneerde lezer van DE LOATEMSCHE KLEPPE,Vooreerst mijn late nieuwjaarwensen. Ik wou jullie toch dit berichtje op de webversie nalaten om er u attent op te maken dat er eind deze maand of begin maart opnieuw een gedrukt exemplaar in de winkels en trefpunten zal liggen.Druk van obstinate tegenstanders van satire hebben mijn projecten verlaat. Laatst had ik als schrijver-uitgever nog diverse woordenwisselingen tijdens de talrijke nieuwjaarsrecepties en het is jammer te moeten vaststellen dat fysiek geweld en zelfs chantage niet gemeden wordt door personen die zich geviseerd voelen bij mijn uitlatingen over terreinwagens en het 'nouveau riche' cliché.Deze hype is zo algemeen verspreid over ons Belgenland dat mijn teksten evengoed kunnen betrekking hebben op Knokke, Schilde, Brasschaat of weet ik veel welke 'dure' gemeente in ons landje. Ik durf met de hand op het hart stellen dat niemand persoonlijk geviseerd werd, tenzij de omgeving Gevaert-Minne zich aangevallen voelde omdat ik mijn volkssport - het kruisboogschieten - verdedigde tegenover de bezwaren van de omwonenden. Als zij procederen tegen onze vreedzame locatie heb ik toch ook recht op een mening, of niet?Kortom, buiten de raadsleden/mandatarissen worden er nooit namen vernoemd zodat ik mijn 'schrijfsels' niet als 'persoonlijke schade aanrichtend aan individuen' beschouw.Een zaak hoop ik wel: laat de lezer de teksten grondig lezen, analyseren en vooral relativeren, want de essentie moet men zoeken ... tussen de regels.Genegen,Bèrke de Kleppe ofte Albert F. Haelemeersch

11:46 Gepost door Albert-Fernand HAELEMEERSCH | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |